Art. 3 Wgt, De registratie en het toezicht

Wet inzake de geldtransactiekantoren (Wgt)

1. Het is verboden als geldtransactiekantoor werkzaam te zijn.

2. Het in het eerste lid vervatte verbod is niet van toepassing op:

a. degene die als geldtransactiekantoor is ingeschreven in het register als bedoeld in deze wet;

b. De Nederlandsche Bank N.V.;

c. financiële ondernemingen die ingevolge artikel 2:11 of 2:20 van de Wet op het financieel toezicht in Nederland het bedrijf van bank mogen uitoefenen;

d. financiële ondernemingen die ingevolge 2:15 of 2:18 van de Wet op het financieel toezicht in Nederland hun bedrijf mogen uitoefenen, voorzover het hen op grond van artikel 3:39 is toegestaan in Nederland werkzaamheden als geldtransactiekantoor te verrichten;

e. financiële instellingen die ingevolge de Wet op het financieel toezicht in Nederland hun bedrijf mogen uitoefenen, voorzover het hen op grond van artikel 2:25, 2:26, onderscheidenlijk 3:110, van die wet is toegestaan in Nederland werkzaamheden als geldtransactiekantoor te verrichten.

Uitspraken die dit artikel aanhalen