Rb. Rotterdam 22 juli 2010, ECLI:NL:RBROT:2010:BN2146

AFM meent dat bekendheid met het stadium van onderhandelingen over een openbaar bod begin juli 2007 koersgevoelige informatie opleverde. Vanwege het koersverloop kon Numico in de ochtend van 9 juli 2007 blijkbaar niet langer de vertrouwelijkheid van de informatie waarborgen en had zij direct een persbericht moeten uitbrengen (dan is het geen voorwetenschap meer, maar openbare informatie). Numico doet dat echter eerst aan het einde van de dag lang nadat AFM de handel heeft laten stilleggen. Numico krijgt een boete opgelegd omdat zij art. 5:59 Wft (oud) heeft overtreden. De rechtbank meent dat Numico terecht een boete is opgelegd. Zij komt in dit verband tot een richtlijnconforme interpretatie van art. 14 Besluit marktmisbruik Wft (oud) die ook in overeenstemming is met de tekst van dat artikel. De rechtsgronden aanvullend wordt de boete wegens redelijke termijnoverschrijding in beroep gematigd met 10%. De rechtbank overweegt voorts dat die beperkte matiging van de gehandhaafde boete er niet aan in de weg staat dat na onherroepelijkheid van de uitspraak wordt overgegaan tot een tweede publicatie van de boete op de voet van art. 1:98 Wft.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen