Art. 8.4.3 Wetboek van Strafvordering
1. In afwijking van artikel 8.4.2 kan een verzoek als bedoeld in artikel 8.4.1 als de hoofdzaak in Nederland is berecht, wordt berecht of zal worden berecht, beperkt zijn tot de behandeling van de met die berechting samenhangende vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.
2. Overdracht als bedoeld in het eerste lid kan niet plaatsvinden als in de zaak een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel is ingediend waarop nog niet onherroepelijk is beslist, tenzij die vordering samen met de procesinleiding is ingediend en daarna overeenkomstig artikel 4.4.14 of 4.4.22 van de berechting is afgesplitst.
3. Indien de ontnemingsmaatregel bij onherroepelijk vonnis of arrest is opgelegd, is overdracht als bedoeld in het eerste lid slechts mogelijk indien de tenuitvoerlegging van die maatregel niet mogelijk is.