Art. 61 Wet terugkeer en vreemdelingenbewaring

Wet terugkeer en vreemdelingenbewaring

In geval een vreemdeling de inrichting op grond van artikel 59 verlaat kunnen jegens hem de bevoegdheden, bedoeld in de artikelen 44 en 46, worden uitgeoefend door de ambtenaren van de inrichting belast met het vervoer, dan wel door de ambtenaren van Onze Minister.

Verwijst naar

Artikelen die hiernaar verwijzen

Toelichting

Vorige artikelen

Volgende artikelen