Art. 52 Verordening (EU) 2024/1358, Aansprakelijkheid

Verordening (EU) 2024/1358

1. Elke persoon of lidstaat die materiële of immateriële schade heeft geleden als gevolg van een onrechtmatige gegevensverwerking of een andere handeling die in strijd is met de bepalingen van deze verordening, is gerechtigd om van de lidstaat die voor de geleden schade verantwoordelijk is, vergoeding te ontvangen, of van eu-LISA indien het verantwoordelijk is voor de geleden schade en voor zover het niet heeft voldaan aan de verplichtingen die het op grond van deze verordening specifiek zijn opgelegd, of indien het heeft gehandeld buiten of in strijd met de wettige instructies van die lidstaat. De verantwoordelijke lidstaat of eu-LISA wordt geheel of gedeeltelijk van zijn aansprakelijkheid ontheven indien de lidstaat of eu-LISA kan aantonen op generlei wijze verantwoordelijk te zijn voor het feit dat de schade heeft veroorzaakt.

2. Indien aan Eurodac schade ontstaat doordat een lidstaat zijn verplichtingen op grond van deze verordening niet is nagekomen, wordt deze lidstaat daarvoor aansprakelijk gehouden, tenzij en voor zover eu-LISA of een andere lidstaat naliet redelijke stappen te ondernemen om het ontstaan van de schade te voorkomen of om de omvang ervan zoveel mogelijk te beperken.

3. Op vorderingen tegen een lidstaat tot vergoeding van de in de leden 1 en 2 van dit artikel bedoelde schade zijn de bepalingen van het nationale recht van de gedaagde lidstaat van toepassing, overeenkomstig de artikelen 79 en 80 van Verordening (EU) 2016/679 en de artikelen 54 en 55 van Richtlijn (EU) 2016/680. Op vorderingen tegen eu-LISA tot vergoeding van de in de leden 1 en 2 van dit artikel bedoelde schade zijn de in de Verdragen vastgelegde voorwaarden van toepassing.