Art. 9 Verordening (EU) nr. 347/2013, Transparantie en inspraak van het publiek

Verordening (EU) nr. 347/2013

1. Uiterlijk op 16 mei 2014 maakt de lidstaat of de bevoegde instantie, in voorkomend geval in samenwerking met de andere betrokken autoriteiten, een handleiding bekend van procedures voor het proces van vergunningverlening voor projecten van gemeenschappelijk belang. Deze handleiding wordt wanneer nodig geactualiseerd en wordt beschikbaar gesteld aan het publiek. De handleiding omvat minimaal de in punt 1 van bijlage VI gespecificeerde informatie. De handleiding is niet juridisch bindend, maar kan verwijzen naar relevante wettelijke bepalingen of daaruit citeren.

2. Onverminderd de eisen overeenkomstig het Verdrag van Aarhus en het Verdrag van Espoo en het betreffende Unierecht, nemen alle bij het vergunningverleningsproces betrokken partijen de beginselen voor inspraak van het publiek in acht als uiteengezet in bijlage VI, punt 3.

3. Binnen een indicatieve periode van drie maanden na de start van het vergunningverleningsproces overeenkomstig artikel 10, lid 1, onder a), werkt de projectpromotor een ontwerp betreffende de inspraak van het publiek uit en dient dit in bij de bevoegde instantie, overeenkomstig het in de in lid 1 bedoelde handleiding beschreven proces en conform de in bijlage VI vastgestelde richtsnoeren. De bevoegde instantie verzoekt om wijziging van dit ontwerp voor inspraak van het publiek, of aanvaardt het binnen een termijn van drie maanden; daarbij houdt de bevoegde instantie rekening met elke vorm van inspraak van het publiek of raadpleging die plaatsvond vóór het begin van het vergunningverleningsproces, voor zover die inspraak of raadpleging voldeed aan de eisen van dit artikel.

Wanneer de projectpromotor voornemens is in een goedgekeurd ontwerp ingrijpende wijzigingen aan te brengen, dient hij de bevoegde instantie daarvan in kennis te stellen. In dat geval kan de bevoegde instantie om wijzigingen verzoeken.

4. De projectpromotor of, wanneer zulks onder het nationale recht wordt voorgeschreven, de bevoegde instantie organiseert minimaal één openbare raadpleging voordat het definitieve en volledige aanvraagdossier overeenkomstig artikel 10, lid 1, onder a), wordt ingediend bij de bevoegde instantie. Dit laat de eventueel na indiening van een vergunningsaanvraag overeenkomstig artikel 6, lid 2, van Richtlijn 2011/92/EU te houden publieksraadpleging onverlet. In het kader van de openbare raadpleging worden de in bijlage VI, punt 3, onder a), bedoelde belanghebbenden in een vroeg stadium over het project geïnformeerd en wordt aan de hand daarvan de meest geschikte locatie of het meest geschikte traject bepaald, alsmede alle relevante kwesties die in het aanvraagdossier moeten worden behandeld. De minimumvereisten die gelden voor deze openbare raadpleging zijn gespecificeerd in punt 5 van bijlage VI.

De projectpromotor stelt een verslag op met een overzicht van de resultaten van de activiteiten die tot doel hadden het publiek vóór de indiening van het aanvraagdossier bij de zaak te betrekken, met inbegrip van de activiteiten die voor de aanvang van het vergunningverleningsproces hebben plaatsgevonden. De projectpromotor dient dit verslag samen met het aanvraagdossier in bij de bevoegde instantie. In het raambesluit wordt terdege rekening gehouden met deze resultaten.

5. Bij projecten waarbij de grens van twee of meer lidstaten wordt overschreden, vinden de openbare raadplegingen overeenkomstig lid 4 in elk van de betrokken lidstaten plaats binnen een termijn van maximaal twee maanden te rekenen vanaf de datum waarop de eerste openbare raadpleging is gestart.

6. Bij projecten die waarschijnlijk aanzienlijke grensoverschrijdende effecten zullen hebben in één of meer aangrenzende lidstaten, waarbij artikel 7 van Richtlijn 2011/92/EU en het Verdrag van Espoo van toepassing zijn, wordt de relevante informatie beschikbaar gesteld aan de bevoegde instantie van de aangrenzende lidstaten. De bevoegde instanties van de aangrenzende lidstaten geven in voorkomend geval bij het kennisgevingsproces aan of zij, dan wel enige andere betrokken instantie, willen deelnemen aan de desbetreffende procedures van openbare raadpleging.

7. De projectpromotor of, wanneer zulks onder het nationale recht wordt voorgeschreven, de bevoegde instantie opent een aan de website van de Commissie gekoppelde website om relevante informatie over het project van gemeenschappelijk belang, die voldoet aan de in bijlage VI, punt 6, gespecificeerde eisen, te publiceren en op gezette tijden te actualiseren. Commercieel gevoelige informatie wordt vertrouwelijk gehouden.

Projectpromotoren maken deze informatie eveneens bekend via andere geschikte publicatiekanalen die openbaar zijn voor het publiek.

Verwijst naar

Vorige artikelen

Volgende artikelen