Art. 9 Verordening (EG) nr. 3284/94

Verordening (EG) nr. 3284/94

Voorlopige maatregelen 1. Voorlopige maatregelen kunnen worden toegepast indien er een procedure is ingeleid overeenkomstig het bepaalde in artikel 7, er hierover een bericht is gepubliceerd en belanghebbenden voldoende gelegenheid hebben gehad inlichtingen te verstrekken en opmerkingen te maken overeenkomstig het bepaalde in artikel 7, lid 14, er een voorlopige, positieve vaststelling inzake tot compenserende maatregelen aanleiding gevende subsidiëring en daaruit voortvloeiende schade voor de bedrijfstak van de Gemeenschap is gedaan en het in het belang van de Gemeenschap is dat maatregelen worden genomen om dergelijke schade te voorkomen. Voorlopige maatregelen worden niet eerder dan 60 dagen en niet later dan negen maanden na de inleiding van de procedure genomen.

2. Het voorlopige compenserende recht mag niet hoger zijn dan het voorlopig vastgestelde totale bedrag van de tot compenserende maatregelen aanleiding gevende subsidies en dient lager te zijn indien dit lagere recht toereikend is om de door de bedrijfstak van de Gemeenschap geleden schade weg te nemen.

3. De voorlopige maatregelen bestaan in de verplichting tot zekerheidstelling. De betrokken produkten kunnen in de Gemeenschap eerst in het vrije verkeer worden gebracht nadat daarvoor zekerheid is gesteld.

4. De Commissie neemt voorlopige maatregelen na overleg of, in bijzonder dringende omstandigheden, na de Lid-Staten hierover te hebben ingelicht. In het laatste geval geschiedt dit overleg uiterlijk tien dagen na de datum waarop de Lid-Staten in kennis zijn gesteld van de door de Commissie genomen maatregelen.

5. Wanneer een Lid-Staat om het onmiddellijke optreden van de Commissie verzoekt en aan de voorwaarden van lid 1 is voldaan, beslist de Commissie binnen te hoogste vijf werkdagen na de ontvangst van het verzoek of een voorlopig compenserend recht moet worden ingesteld.

6. De Commissie stelt de Raad en de Lid-Staten onverwijld in kennis van elke beslissing die zij neemt uit hoofde van dit artikel. De Raad kan met een gekwalificeerde meerderheid van stemmen een ander besluit nemen.

7. Een voorlopig compenserend recht kan voor ten hoogste vier maanden worden ingesteld.

Vorige artikelen

Volgende artikelen