Rb. Den Haag 22 februari 2022, ECLI:NL:RBDHA:2022:1329

Asiel – Libië – subsidiaire bescherming – aanvullende prejudiciële vragen artikel 15 Kwalificatierichtlijn. De rechtbank stelt aanvullende vragen over de subsidiaire beschermingsregeling en verzoekt het Hof om deze vragen versneld (PPA) te behandelen en te voegen met de prejudiciële vragen die Haarlem over 15c Kwalificatierichtlijn heeft gesteld. Eisers zijn afkomstig uit Libië en leggen aan hun asielaanvraag individuele omstandigheden, het niveau van willekeurig geweld in Tripoli en de humanitaire omstandigheden ten gevolge van dit geweld ten grondslag. Bij de beoordeling of subsidiaire bescherming moet worden verleend, wordt op dit moment eerst bepaald welke vorm van ernstige schade (15a, 15b, of 15c) wordt gevreesd en daarna wordt bepaald welke elementen de vrees voor die specifieke soort ernstige schade kunnen onderbouwen. De rechtbank vraag het Hof of, gelet op het doel van de subsidiaire beschermingsregeling, het niet meer voor de hand ligt om eerst alle elementen waar de verzoeker zich op baseert te onderzoeken en te beoordelen en pas daarna te bepalen om welke soort ernstige schade het gaat. Uit de Kwalificatierichtlijn blijkt niet dat er een noodzaak is om te specificeren op grond van welke soort ernstige schade bescherming moet worden verleend. Door wel eerst te bepalen welke soort ernstige schade een verzoeker vreest, kan een leemte ontstaan in de te bieden bescherming omdat bepaalde elementen niet voldoende bij de beoordeling zullen worden betrokken. Indien artikel 15 Kwalificatierichtlijn daarentegen vereist dat alle elementen steeds integraal en in onderlinge samenhang moeten worden beoordeeld is de discussie over “15c en de glijdende schaal” niet langer relevant. Als het Hof deze vraag niet beantwoordt op de wijze die de rechtbank voorstelt, wil de rechtbank weten op welke wijze de individuele omstandigheden moeten worden betrokken bij 15c en of ook bij 15b een glijdende schaal moet worden toegepast. De rechtbank wil tot slot weten of humanitaire omstandigheden die een gevolg zijn van het geweld dat door een actor van ernstige schade wordt veroorzaakt ook moet worden betrokken bij het beoordelen van de beschermingsbehoefte. Het zou naar het oordeel van de rechtbank in overeenstemming met de logica van de subsidiaire beschermingsregeling zijn als niet alleen wordt beschermd tegen geweld door een actor van ernstige schade, maar ook tegen de humanitaire gevolgen van dit geweld als die humanitaire omstandigheden een situatie opleveren die in strijd is met het Handvest van de Grondrechten. De rechtbank heeft verzocht om een versnelde behandeling in verband met het belang van de zes jonge kinderen van eisers. De rechtbank heeft het onderzoek in de zaak geschorst totdat het Hof de vragen heeft beantwoord en heeft een rechtsmiddel tegen deze uitspraak uitgesloten.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken