Conclusie A-G Spronken 25 januari 2022, ECLI:NL:PHR:2022:62

Conclusie AG. Verschoningsrecht ex art. 218 Sv buitenlandse advocaten in dienstbetrekking van Shell. Beklag ex art. 552a juncto 98 Sv in verband met beslag ex art. 94 Sv. OM-cassatie en cassatie klagers. Ontvankelijkheid Shell als afgeleid verschoningsgerechtigde? Ontvankelijkheid in cassatie in verband met vraag of beschikking van de rechtbank een tussenbeschikking is ex art. 552d Sv? Heeft de rechtbank de juiste maatstaf aangelegd door te beslissen dat een buitenlandse advocaat in dienstbetrekking die in Nederland advieswerkzaamheden verricht slechts een beroep kan doen op het verschoningsrecht als de werkgever en de advocaat een professioneel statuut hebben ondertekend zoals bedoeld in art. 5.12 Verordening op de advocatuur? Volgens de AG heeft de rechtbank door het beroep op het verschoningsrecht ex art. 218 Sv afhankelijk te maken van (i) het ondertekenen van het professionele statuut voor zover de werkzaamheden zijn verricht in Nederland, of (ii) van het land waar de betrokken in-house counsel werkzaamheden heeft verricht, of (iii) van de vraag of de betrokken in-house counsel volgens de nationale regeling van zijn land van herkomst verschoningsrecht toekomt, een onjuist toetsingskader gehanteerd en daarmee blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting. De conclusie strekt tot vernietiging van de beschikking van de rechtbank.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken