HR 21 december 2021, ECLI:NL:HR:2021:1931
Niet voldoen aan vordering om als kentekenhouder naam en personalia van bestuurder bekend te maken, art. 165.1 WVW 1994. Afwijzing van ttz. in hoger beroep gedaan verzoek tot horen van vriendin van aangeefster als getuige op de grond dat noodzaak daartoe niet is gebleken. Is kader uit post-Keskin ook van toepassing op getuigen à décharge? HR stelt relevante overwegingen van EHRM in zaak Keskin tegen Nederland m.b.t. het horen van “prosecution witnesses” (getuigen à charge) en “defence witnesses” (getuigen à décharge) voorop. Verder herhaalt HR relevante overwegingen uit HR:2017:1015 m.b.t. motivering van een tot de zittingsrechter gericht getuigenverzoek. HR overweegt dat de uit Keskin tegen Nederland voortvloeiende bijstelling m.b.t. onderbouwing van getuigenverzoeken door verdediging aan de orde is als verzoek betrekking heeft op een getuige t.a.v. wie verdediging het ondervragingsrecht nog niet heeft kunnen uitoefenen, terwijl deze getuige al (in het vooronderzoek of anderszins) een verklaring heeft afgelegd met belastende strekking. Het gaat dan om een verklaring die door rechter voor bewijs van tlgd. feit zou kunnen worden gebruikt of al is gebruikt (vgl. HR:2021:576). Raadsman van verdachte heeft verzocht om A als getuige op te roepen en te horen. Uit verzoek en verhandelde ttz. blijkt niet dat A (in het vooronderzoek of anderszins) al een verklaring had afgelegd met een belastende strekking, zodat verzoek niet betrekking heeft op getuige die verklaring heeft afgelegd met belastende strekking. Dat betekent dat de uit HR:2017:1015 voortvloeiende regel geldt dat getuigenverzoek door verdediging moet worden gemotiveerd. Hof heeft het getuigenverzoek afgewezen op de grond dat noodzaak tot het horen van deze getuige niet is gebleken. Daarin ligt als ’s hofs oordeel besloten dat verdediging ontoereikend heeft gemotiveerd waarin het belang is gelegen om A als getuige te horen. Dit oordeel getuigt niet van een onjuiste rechtsopvatting en is (gelet op onderbouwing van verzoek) ook niet onbegrijpelijk. Volgt verwerping.
De uitspraak op rechtspraak.nl