CRvB 26 april 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:1476
De Raad oordeelt dat het Uwv artikel 5, eerste lid, van het Dagloonbesluit, zoals dat luidde na 1 juli 2015, buiten toepassing moet laten en moet beoordelen of het met ingang van 1 december 2016 van toepassing zijnde artikel 5, zesde lid, van het gerepareerde Dagloonbesluit in het geval van betrokkenen tot een hoger dagloon leidt. De besluitgever heeft niet onderkend welke inkomensgevolgen de wijziging van artikel 5, eerste lid, van het Dagloonbesluit met ingang van 1 juli 2015 zou hebben voor werknemers die niet het hele refertejaar hebben gewerkt, heeft geen onderzoek verricht naar de relevante feiten en belangen en heeft geen oog heeft gehad voor de financiële gevolgen die deze wijziging heeft voor deze groep werknemers (met name starters, herintreders en flexwerkers). Deze gevolgen kunnen ingrijpend zijn en doen afbreuk aan de inkomensbescherming die de WW beoogt te bieden. Voor 1 juli 2015 werd met de belangen van deze groep werkloze werknemers wel rekening gehouden. Ook door de wijziging van het Dagloonbesluit per 1 december 2016 is dat weer het geval.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- CRvB 22 juni 2016, ECLI:NL:CRVB:2016:2338
- Rb. Oost-Brabant 17 maart 2016, ECLI:NL:RBOBR:2016:1181
- CRvB 23 november 2012, ECLI:NL:CRVB:2012:BY4322
- CRvB 23 november 2012, ECLI:NL:CRVB:2012:BY4323
- CRvB 23 november 2012, ECLI:NL:CRVB:2012:BY4335
- CRvB 3 juni 2010, ECLI:NL:CRVB:2010:BM8090
- CRvB 27 mei 2010, ECLI:NL:CRVB:2010:BM7312
- CRvB 14 mei 2009, ECLI:NL:CRVB:2009:BI4685
- CRvB 5 oktober 1999, ECLI:NL:CRVB:1999:ZB8492
- CRvB 14 november 1991, ECLI:NL:CRVB:1991:ZB4693