CRvB 5 oktober 1999, ECLI:NL:CRVB:1999:ZB8492

Wijziging regelgeving BWOO; duur vervolguitkering van twee jaren naar één jaar; rechtszekerheidsbeginsel; toetsing regelgeving; belangenafweging. Aan appellant is meegedeeld dat hij in aanmerking komt voor een vervolguitkering ingevolge het BWOO met een duur van twee jaar. Naderhand is hem bericht dat tengevolge van een wijziging van het BWOO deze vervolguitkering niet twee jaren maar een jaar duurt. Als gevolg hiervan is de einddatum van de aan appellant toegekende uitkering gewijzigd. Een en ander is het gevolg van een wijziging van het BWOO bij KB d.d. 14-12-1996, Stb 680. Bij het tot stand brengen van een algemeen verbindend voorschrift, als hier aan de orde, is het in beginsel aan de materiële wetgever voorbehouden om alle betrokken belangen af te wegen en moet de rechter -gelet op zijn positie in het staatsbestel- het resultaat daarvan respecteren. Dit uitgangspunt lijdt uitzondering indien aan de inhoud of de wijze van totstandkoming van dat algemeen verbindend voorschrift zodanig ernstige feilen kleven dat dit voorschrift om die reden niet als grondslag kan dienen voor daarop in concrete gevallen te baseren besluiten. Een en ander brengt met zich dat de rechter bij de behandeling van een beroep dat tegen een in concreto genomen besluit is ingesteld ook gehouden kan zijn om - met terughoudendheid - te toetsen of het desbetreffende algemeen verbindend voorschrift een voldoende deugdelijke grondslag voor dat besluit vormt. De bevoegdheid tot wijziging van een regeling - ook ten nadele van een belanghebbende - kan de materiële wetgever in zijn algemeenheid niet worden ontzegd. Zo dient bij een regeling als hier aan de orde waarbij het gaat om het vervallen van bepaalde financiële aanspraken, voldoende rekening te worden gehouden met de bijzondere belangen van de betrokkenen. Naar het oordeel van de Raad kan van de in de betreffende wijziging van het BWOO opgenomen overgangsregeling niet worden gezegd dat hiermee in onvoldoende mate met de belangen van de betrokkenen rekening is gehouden.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen