Art. 8.5.11 Wetboek van Strafvordering

Wetboek van Strafvordering

1. De officier van justitie zendt de bevoegde autoriteit van een andere lidstaat het formulier opgenomen in bijlage C bij Richtlijn 2014/41/EU toe, indien een bevel tot het vastleggen van communicatie op grond van artikel 2.8.13 betrekking heeft op een communicatieadres van een in het bevel genoemde persoon dat in gebruik is op het grondgebied van de andere lidstaat en het vastleggen van de communicatie kan worden uitgevoerd zonder de technische bijstand van die lidstaat. Dit vindt plaats:

a. voorafgaand aan het vastleggen van communicatie ingeval de officier van justitie weet dat de persoon op wie de beslissing tot het vastleggen van communicatie betrekking heeft, zich op het grondgebied van de andere lidstaat bevindt of zal bevinden;

b. tijdens of na het vastleggen van communicatie, zodra de officier van justitie weet dat de persoon op wie de beslissing tot het vastleggen van communicatie betrekking heeft, zich tijdens het vastleggen op het grondgebied van de andere lidstaat bevindt of heeft bevonden.

2. Aan de beslissing van de bevoegde autoriteit van de andere lidstaat naar aanleiding van de kennisgeving wordt direct uitvoering gegeven.

Verwijst naar

Toelichting

Vorige artikelen

Volgende artikelen