Art. 25 Wet terugkeer en vreemdelingenbewaring

Wet terugkeer en vreemdelingenbewaring

1. De vreemdeling heeft recht op zorg door een aan de inrichting verbonden arts of diens vervanger.

2. De vreemdeling heeft recht op raadpleging, voor eigen rekening, van een arts van zijn keuze. De directeur stelt in overleg met de gekozen arts de plaats en het tijdstip van de raadpleging vast.

3. De directeur draagt zorg dat:

a. de aan de inrichting verbonden arts of diens vervanger regelmatig beschikbaar is voor het houden van een spreekuur;

b. de aan de inrichting verbonden arts of diens vervanger op andere tijdstippen beschikbaar is, indien dit in het belang van de gezondheid van de vreemdeling noodzakelijk is;

c. de vreemdeling op diens verzoek of op verzoek van de aan de inrichting verbonden arts of diens plaatsvervanger door een arts wordt onderzocht op ongeschiktheid voor verblijf in een inrichting voor vreemdelingbewaring;

d. de aan de inrichting verbonden arts of diens vervanger de vreemdeling die hiervoor in aanmerking komt onderzoekt op geschiktheid voor deelname aan sport of een andere activiteit.

4. De directeur draagt zorg voor:

a. de verstrekking van door de aan de inrichting verbonden arts of diens vervanger voorgeschreven medicijnen en diëten;

b. de behandeling van de vreemdeling op aanwijzing van de aan de inrichting verbonden arts of diens vervanger;

c. de overbrenging van de vreemdeling naar een ziekenhuis dan wel andere inrichting, indien de onder b bedoelde behandeling aldaar plaatsvindt.

Artikelen die hiernaar verwijzen

Toelichting

Vorige artikelen

Volgende artikelen