Art. 21 Wet terugkeer en vreemdelingenbewaring
Wet terugkeer en vreemdelingenbewaring
1. De vreemdeling wordt door de directeur individueel ondergebracht of in een groep, waarvan de directeur de samenstelling bepaalt.
2. Aan elke vreemdeling of groep van vreemdelingen wordt door de directeur een verblijfsruimte toegewezen.
3. Onze Minister stelt regels omtrent de eisen waaraan een verblijfsruimte als bedoeld in het tweede lid moet voldoen.