Art. 23 Wet terugkeer en vreemdelingenbewaring
Wet terugkeer en vreemdelingenbewaring
1. De vreemdeling heeft recht op dagbesteding gedurende een bij algemene maatregel van bestuur te bepalen minimum aantal uren per week.
2. De in het eerste lid bedoelde dagbesteding bestaat in ieder geval uit:
a. deelname aan educatieve activiteiten voor zover deze zich verdragen met de duur van de vreemdelingenbewaring en de persoon van de vreemdeling;
b. kennisneming van het nieuws en het gebruik maken van een bibliotheekvoorziening;
c. lichamelijke oefening en het beoefenen van sport gedurende ten minste twee uur per week, voor zover zijn gezondheid zich daar niet tegen verzet;
d. recreatieve activiteiten, gedurende ten minste acht uur per week;
e. dagelijks verblijf in de buitenlucht, gedurende ten minste twee uur per dag.