Art. 57 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd, Bezette gebieden
Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
De bezettende Mogendheid mag burgerziekeninrichtingen slechts tijdelijk en slechts in gevallen van uiterste noodzaak vorderen voor de verpleging van gewonde en zieke militairen en dan onder voorwaarde, dat tijdig doeltreffende maatregelen worden genomen om de verpleging en behandeling van de patiënten te verzekeren en te voldoen aan de behoeften van de burgerbevolking op het gebied van ziekenhuisverpleging.
Het materiaal en de voorraden van burgerziekeninrichtingen mogen niet worden gevorderd zolang deze nodig zijn voor de behoeften van de burgerbevolking.
Vorige artikelen
- Artikel 52 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
- Artikel 53 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
- Artikel 54 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
- Artikel 55 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
- Artikel 56 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
Volgende artikelen
- Artikel 58 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
- Artikel 59 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
- Artikel 60 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
- Artikel 61 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
- Artikel 62 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd