Art. 58 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd, Bezette gebieden
Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
De bezettende Mogendheid zal aan bedienaars van een eredienst toestaan aan hun geloofsgenoten geestelijke bijstand te verlenen.
De bezettende Mogendheid zal eveneens zendingen van boeken en voorwerpen, nodig voor de eredienst, in ontvangst nemen en de uitdeling daarvan in bezet gebied vergemakkelijken.
Vorige artikelen
- Artikel 53 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
- Artikel 54 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
- Artikel 55 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
- Artikel 56 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
- Artikel 57 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
Volgende artikelen
- Artikel 59 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
- Artikel 60 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
- Artikel 61 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
- Artikel 62 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd
- Artikel 63 Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd