Art. 19 WED, Van de opsporing
Wet op de economische delicten (WED)
1. De opsporingsambtenaren zijn in het belang van de opsporing bevoegd inzage te vorderen van gegevens en bescheiden, voor zover dat redelijkerwijs voor de vervulling van hun taak nodig is.
2. Zij zijn bevoegd van de gegevens en bescheiden kopieën te maken.
3. Indien het maken van kopieën niet ter plaatse kan geschieden, zijn zij bevoegd de gegevens en bescheiden voor dat doel voor korte tijd mee te nemen tegen een door hen af te geven schriftelijk bewijs.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- HR 14 november 2023, ECLI:NL:HR:2023:1562
- Conclusie A-G Bleichrodt 13 oktober 2020, ECLI:NL:PHR:2020:927
- ABRvS 25 juli 2018, ECLI:NL:RVS:2018:2527
- ABRvS 31 december 2014, ECLI:NL:RVS:2014:4753
- Conclusie A-G Knigge 19 september 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AV1141
- HR 29 mei 2012, ECLI:NL:HR:2012:BW6664
- Hof Arnhem-Leeuwarden 16 februari 2022, ECLI:NL:GHARL:2022:1214
- Conclusie A-G Keulen 11 juli 2023, ECLI:NL:PHR:2023:676
- Hof Arnhem-Leeuwarden 22 november 2018, ECLI:NL:GHARL:2018:10221
- Rb. Rotterdam 13 juli 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:8451
- Rb. Rotterdam 2 juni 2025, ECLI:NL:RBROT:2025:6928
- Rb. Rotterdam 31 augustus 2017, ECLI:NL:RBROT:2017:7233
- Rb. Oost-Brabant 15 april 2022, ECLI:NL:RBOBR:2022:4117
- Rb. Oost-Brabant 13 september 2022, ECLI:NL:RBOBR:2022:3989
- Rb. Noord-Nederland 7 oktober 2020, ECLI:NL:RBNNE:2020:3454
- Rb. Noord-Nederland 7 oktober 2020, ECLI:NL:RBNNE:2020:3453
- Rb. Limburg 24 november 2016, ECLI:NL:RBLIM:2016:10527
- Rb. Den Haag 24 april 2024, ECLI:NL:RBDHA:2024:5721
- Rb. Amsterdam 24 maart 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:3071
- Rb. Amsterdam 10 februari 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:1445