Art. 23 WED, Van de opsporing
Wet op de economische delicten (WED)
1. De opsporingsambtenaren zijn bevoegd in het belang van de opsporing vervoermiddelen te onderzoeken met het oog op de naleving van de voorschriften, bedoeld in de artikelen 1 en 1a, voor zover dat redelijkerwijs voor de vervulling van hun taak nodig is.
2. Zij zijn bevoegd in het belang van de opsporing vervoermiddelen waarmee naar hun redelijk oordeel zaken worden vervoerd op hun lading te onderzoeken met het oog op de naleving van de voorschriften, bedoeld in de artikelen 1 en 1a, voor zover dat redelijkerwijs voor de vervulling van hun taak nodig is.
3. Zij zijn bevoegd van de bestuurder van een vervoermiddel inzage te vorderen van de wettelijk voorgeschreven bescheiden met het oog op de naleving van de voorschriften, bedoeld in de artikelen 1 en 1a, voor zover dat redelijkerwijs voor de vervulling van hun taak nodig is.
4. Zij zijn bevoegd met het oog op de uitoefening van deze bevoegdheden van de bestuurder van een voertuig of van de schipper van een vaartuig te vorderen dat deze zijn vervoermiddel stilhoudt en naar een door hen aangewezen plaats overbrengt, voor zover dat redelijkerwijs voor de vervulling van hun taak nodig is.
5. De kosten van overbrenging komen ten laste van de betrokkene, indien een strafbaar feit wordt vastgesteld.
6. De in dit artikel genoemde bevoegdheden kunnen tevens worden uitgeoefend jegens personen, die zaken vervoeren.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- HR 9 maart 1993, ECLI:NL:HR:1993:ZC9268
- Rb. Amsterdam 26 februari 2020, ECLI:NL:RBAMS:2020:1198
- HR 25 juni 2013, ECLI:NL:HR:2013:3
- HR 11 maart 2008, ECLI:NL:HR:2008:BC6140
- Conclusie A-G Machielse 28 mei 2013, ECLI:NL:PHR:2013:528
- HR 14 oktober 2025, ECLI:NL:HR:2025:1511
- Rb. 's-Gravenhage 8 oktober 2008, ECLI:NL:RBSGR:2008:BF8883
- Rb. Overijssel 20 januari 2022, ECLI:NL:RBOVE:2022:136
- Rb. Gelderland 13 januari 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:211
- Rb. Amsterdam 6 december 2021, ECLI:NL:RBAMS:2021:7249
- Rb. Amsterdam 19 mei 2021, ECLI:NL:RBAMS:2021:2514
- Conclusie 13 mei 2025, ECLI:NL:PHR:2025:517
- Rb. Zeeland-West-Brabant 22 september 2020, ECLI:NL:RBZWB:2020:4459
- Rb. 's-Gravenhage 8 oktober 2008, ECLI:NL:RBSGR:2008:BF8898
- Rb. Rotterdam 29 maart 2024, ECLI:NL:RBROT:2024:3966
- Rb. Rotterdam 15 juni 2021, ECLI:NL:RBROT:2021:8840
- Rb. Roermond 13 juli 2011, ECLI:NL:RBROE:2011:BR0794
- Rb. Roermond 8 december 2005, ECLI:NL:RBROE:2005:AU7533
- Rb. Oost-Brabant 24 april 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:2608
- Rb. Oost-Brabant 2 augustus 2021, ECLI:NL:RBOBR:2021:4106