Art. 273 Sv, Onderzoek op de terechtzitting
Wetboek van Strafvordering (Sv)
1. De voorzitter begint het onderzoek tegen de verdachte door de identiteit van de verdachte vast te stellen op de wijze, bedoeld in artikel 27a, eerste lid, eerste volzin. De voorzitter is tevens bevoegd de identiteit van de verdachte vast te stellen op de wijze, bedoeld in artikel 27a, tweede lid, indien over zijn identiteit twijfel bestaat.
2. De voorzitter vermaant de verdachte oplettend te zijn op hetgeen hij zal horen en deelt hem mee dat hij niet tot antwoorden verplicht is.
3. Indien de verdachte de orde op de terechtzitting verstoort en vruchteloos door de voorzitter is gewaarschuwd, kan de voorzitter zijn verwijdering uit de zittingzaal bevelen en, zo nodig, bepalen dat hij gedurende het geheel of een gedeelte van de zitting in verzekering wordt gesteld. De behandeling van de zaak wordt op tegenspraak voortgezet. Artikel 124, vierde lid, is van toepassing.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- HR 12 maart 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD5163
- HR 28 september 2018, ECLI:NL:HR:2018:1806
- HR 27 november 2018, ECLI:NL:HR:2018:2193
- HR 25 juni 2013, ECLI:NL:HR:2013:69
- Conclusie A-G Aben 30 maart 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BK5616
- HR 9 oktober 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA5025
- Hof Den Haag 4 juli 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:1931
- Rb. Noord-Holland 5 februari 2015, ECLI:NL:RBNHO:2015:988
- Conclusie A-G Langemeijer 18 mei 2018, ECLI:NL:PHR:2018:573
- Conclusie A-G Vellinga 6 maart 2018, ECLI:NL:PHR:2018:178
- Conclusie A-G Hofstee 15 september 2015, ECLI:NL:PHR:2015:2243
- Conclusie A-G Knigge 4 september 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BX4153
- HR 9 mei 2017, ECLI:NL:HR:2017:838
- HR 13 oktober 2009, ECLI:NL:HR:2009:BJ3677
- Rb. Utrecht 23 april 2008, ECLI:NL:RBUTR:2008:BD1171
- Rb. Rotterdam 26 juli 2024, ECLI:NL:RBROT:2024:11369
- Rb. Noord-Holland 26 maart 2015, ECLI:NL:RBNHO:2015:2845
- Rb. Limburg 17 juli 2018, ECLI:NL:RBLIM:2018:6805
- Rb. Amsterdam 26 juni 2024, ECLI:NL:RBAMS:2024:4093
- Rb. Amsterdam 22 april 2015, ECLI:NL:RBAMS:2015:6789