Art. 23 Verordening (EU) 2024/1252, Coördinatie van strategische voorraden
1. Uiterlijk op 24 mei 2026 en daarna om de twee jaar deelt de Commissie, op basis van de op grond van artikel 22, lid 1, ontvangen informatie, het volgende met de raad kritieke grondstoffen:
a) een voorlopige benchmark voor een veilige omvang van de strategische voorraden van de Unie van elke strategische grondstof, als bedoeld in lid 2 van dit artikel;
b) een vergelijking tussen de volledige omvang van de strategische voorraden van de Unie van elke strategische grondstof en de in punt a) van dit lid bedoelde voorlopige benchmark;
c) informatie over de mogelijke grensoverschrijdende toegankelijkheid van strategische voorraden, gezien de regels of procedures voor de vrijgave, toewijzing en distributie daarvan.
2. De Commissie stelt, rekening houdend met de zienswijzen van de raad kritieke grondstoffen, een benchmark vast voor een veilige omvang van de strategische voorraden strategische grondstoffen van de Unie. Die benchmark:
a) wordt uitgedrukt als de voorraad strategische grondstoffen die nodig is om, in het geval van verstoring van de voorziening, een bepaald aantal dagen aan netto-invoer te dekken, berekend op basis van de invoer in het voorgaande kalenderjaar;
b) neemt openbaar beschikbare informatie over strategische voorraden van particuliere marktdeelnemers in aanmerking;
c) is evenredig aan het voorzieningsrisico voor en het economisch belang van de desbetreffende strategische grondstof.
3. De Commissie kan, rekening houdend met de zienswijzen van de raad kritieke grondstoffen, de lidstaten adviseren:
a) de strategische voorraden, en waar van toepassing de productiecapaciteiten, aan te vullen, waarbij rekening wordt gehouden met de in lid 1, punt b), bedoelde vergelijking, de relatieve verdeling van bestaande strategische voorraden tussen de lidstaten en het verbruik van strategische grondstoffen door marktdeelnemers op het grondgebied van de respectieve lidstaten;
b) de regels of procedures voor vrijgave, toewijzing en distributie van strategische voorraden te wijzigen of te coördineren, teneinde de mogelijke grensoverschrijdende toegankelijkheid ervan te verbeteren, met name indien dat nodig is voor de productie van strategische technologieën.
4. Bij het opstellen van de in lid 3 bedoelde adviezen kennen de Commissie en de raad kritieke grondstoffen bijzonder belang toe aan de noodzaak van het behoud en de bevordering van stimulansen voor particuliere marktdeelnemers die afhankelijk zijn van strategische grondstoffen als input om hun eigen strategische voorraden aan te leggen of om andere maatregelen te treffen om hun blootstelling aan voorzieningsrisico’s te beheersen.
5. De lidstaten verstrekken in hun op grond van artikel 45 ingediende verslagen informatie over de vraag of en hoe zij gevolg geven of voornemens zijn te geven aan de in lid 3 van dit artikel bedoelde adviezen.
6. Voorafgaand aan de deelname van ten minste twee lidstaten aan internationale of multilaterale fora over strategische voorraden van strategische grondstoffen zorgt de Commissie voor voorafgaande coördinatie, ofwel tussen de desbetreffende lidstaten en de Commissie, ofwel door middel van een vergadering van de raad kritieke grondstoffen daarover.
7. De Commissie verstrekt de verzamelde gegevens over de beschikbare strategische voorraden van de Unie aan de bestuursorganen van de Unie die verantwoordelijk zijn voor crisisbewaking of de crisisbeheersingsmechanismen van de Unie die betrekking hebben op de desbetreffende strategische grondstoffen.
8. Noch dit artikel, noch artikel 22 legt aan de lidstaten een verplichting op om strategische voorraden aan te houden of vrij te geven.