Art. 113 Verordening (EU) 2018/1046, Vastleggingen voor ELGF-kredieten
1. Voor elk begrotingsjaar omvatten de ELGF-kredieten niet-gesplitste kredieten voor uitgaven betreffende maatregelen bedoeld in artikel 4, lid 1, van Verordening (EU) nr. 1306/2013. De uitgaven voor de in artikel 4, lid 2, en artikel 6 van die verordening bedoelde maatregelen, met uitzondering van uit niet-operationele technische bijstand gefinancierde maatregelen en bijdragen aan uitvoerende agentschappen, worden door gesplitste kredieten gedekt.
2. De besluiten van de Commissie houdende vaststelling van het bedrag van de terugbetaling van door de lidstaten gedane uitgaven in verband met het ELGF vormen globale voorlopige vastleggingen in de begroting, waarbij het totaalbedrag van de ELGF-kredieten in de begroting niet wordt overschreden.
3. De globale voorlopige vastleggingen in de begroting voor het ELGF uit hoofde van een begrotingsjaar die vóór 1 februari van het volgende begrotingsjaar niet hebben geleid tot een vastlegging in specifieke begrotingsonderdelen, worden uit hoofde van het betrokken begrotingsjaar vrijgemaakt.
4. De uitgaven die door de in de regelgeving inzake het ELGF bedoelde diensten en organen worden verricht, worden binnen een termijn van twee maanden na ontvangst van de door de lidstaten toegezonden staten per hoofdstuk, artikel en post vastgelegd. Deze vastleggingen mogen na het verstrijken van deze termijn van twee maanden worden verricht wanneer een procedure voor de overschrijving van kredieten met betrekking tot de betrokken begrotingsonderdelen nodig is. Behalve in gevallen waarin de betaling door de lidstaten nog niet is geschied of de subsidiabiliteit onzeker is, worden de betalingen binnen dezelfde termijn van twee maanden geboekt.
De in de eerste alinea van dit lid bedoelde vastleggingen worden in mindering gebracht op de in lid 1 bedoelde globale voorlopige vastlegging in de begroting.
5. De leden 2 en 3 zijn van toepassing onder voorbehoud van het onderzoek en de goedkeuring van de rekeningen.