Art. 118 Verordening (EU) 2018/1046, Bevoegdheden en taken van de intern controleur
1. De intern controleur adviseert zijn instelling van de Unie bij het beheersen van de risico’s door onafhankelijke adviezen uit te brengen over de kwaliteit van de beheer- en controlesystemen en aanbevelingen te formuleren ter verbetering van de uitvoeringsvoorwaarden van de verrichtingen en ter bevordering van een goed financieel beheer.
De intern controleur is met name belast met:
a) het beoordelen van de toereikendheid en doeltreffendheid van de internebeheersystemen, alsmede de prestaties van de diensten bij de uitvoering van de beleidsmaatregelen, programma’s en acties in relatie met de ermee verbonden risico’s;
b) het beoordelen van de efficiëntie en de doeltreffendheid van de systemen voor interne controle en audit die worden toegepast op elke verrichting tot uitvoering van de begroting.
2. De werkzaamheden van de intern controleur strekken zich uit tot alle activiteiten en diensten van de betrokken instelling van de Unie. Hij heeft volledige en onbeperkte toegang tot alle informatie die hij voor de uitvoering van zijn taken nodig heeft, zo nodig ook toegang ter plaatse, ook in de lidstaten en in derde landen.
De intern controleur neemt kennis van het jaarlijks activiteitenverslag van de ordonnateurs en van de andere geïdentificeerde informatie.
3. De intern controleur brengt aan de betrokken instelling van de Unie verslag uit over zijn bevindingen en aanbevelingen. De betrokken instelling van de Unie zorgt ervoor dat de uit de audits voortvloeiende aanbevelingen worden opgevolgd.
Elke instelling van de Unie gaat na of de in de verslagen van haar intern controleur gedane aanbevelingen in aanmerking komen voor een uitwisseling van goede werkwijzen met de andere instellingen van de Unie.
4. De intern controleur dient jaarlijks een interneauditverslag in bij de betrokken instelling van de Unie waarin het aantal en de soorten uitgevoerde interne audits, de belangrijkste gedane aanbevelingen en het gevolg dat aan die aanbevelingen is gegeven, worden vermeld.
In dit jaarlijkse interneauditverslag wordt melding gemaakt van de systeemproblemen waarop de overeenkomstig artikel 143 opgerichte instantie heeft gewezen, wanneer deze het in artikel 93 bedoelde advies verstrekt.
5. De intern controleur besteedt bij het opstellen van het verslag bijzondere aandacht aan de algemene naleving van de beginselen goed financieel beheer en prestaties, en zorgt ervoor dat passende maatregelen voorhanden zijn met het oog op een gestage verbetering en versterking van de toepassing van deze beginselen.
6. Elk jaar legt de Commissie in het kader van de kwijtingsprocedure en overeenkomstig artikel 319 VWEU desgevraagd haar jaarlijks interneauditverslag voor met inachtneming van vertrouwelijkheidsvereisten.
7. Elke instelling van de Unie stelt de contactgegevens van haar intern controleur beschikbaar aan elke natuurlijke of rechtspersoon die betrokken is bij uitgavenverrichtingen, zodat er vertrouwelijk contact kan worden opgenomen met de intern controleur.
8. Elke instelling van de Unie stelt ieder jaar een verslag op met een samenvatting van het aantal en de soorten uitgevoerde interne audits, een synthese van de gedane aanbevelingen en het gevolg dat aan die aanbevelingen is gegeven, en zendt dit verslag toe aan het Europees Parlement en de Raad als bepaald in artikel 247.
9. De verslagen en de bevindingen van de intern controleur evenals het verslag van de betrokken instelling van de Unie zijn slechts voor het publiek toegankelijk nadat de intern controleur de maatregelen voor uitvoering ervan heeft gevalideerd.
10. Elke instelling van de Unie stelt haar intern controleur de middelen ter beschikking die ter vervulling van de interneauditfunctie nodig zijn, en geeft hem een dienstorder met een nauwkeurige omschrijving van de taken, rechten en verplichtingen van haar intern controleur.