Art. 13 Verordening (EU) 2016/1624, Kwetsbaarheidsbeoordeling

Verordening (EU) 2016/1624

1. Bij besluit van de raad van bestuur op basis van een voorstel van de uitvoerend directeur werkt het Agentschap een gemeenschappelijke kwetsbaarheidsbeoordelingsmethode uit. Deze bevat objectieve criteria aan de hand waarvan het Agentschap de kwetsbaarheidsbeoordeling uitvoert, de frequentie van zulke beoordelingen en de wijze waarop opeenvolgende kwetsbaarheidsbeoordelingen van lidstaten moeten worden uitgevoerd.

2. Het Agentschap zal de beschikbaarheid van de technische uitrusting controleren en beoordelen, alsook de systemen, de vermogens, de middelen, de infrastructuur en adequaat geschoold en opgeleid personeel van de lidstaten die nodig zijn voor het grenstoezicht. Het zal dit doen als voorzorgsmaatregel op basis van de overeenkomstig artikel 11, lid 3, opgestelde risicoanalyse. Het Agentschap doet deze controle en beoordeling ten minste eenmaal per jaar tenzij de uitvoerend directeur, op basis van risicoanalyses of een voorgaande kwetsbaarheidsbeoordeling, anders besluit.

3. De lidstaten verstrekken op verzoek van het Agentschap informatie over hun technische uitrusting en de personele en, voor zover mogelijk, financiële middelen die op nationaal niveau voor de uitvoering van het grenstoezicht beschikbaar zijn. De lidstaten verstrekken op verzoek van het Agentschap ook informatie over hun noodplannen inzake grensbeheer.

4. De kwetsbaarheidsbeoordeling houdt in dat het Agentschap een beoordeling verricht van het vermogen en de paraatheid van de lidstaten om toekomstige uitdagingen het hoofd te bieden, waaronder de huidige en toekomstige dreigingen en uitdagingen aan de buitengrenzen; dat het Agentschap, met name voor lidstaten die specifieke en onevenredig grote uitdagingen ondervinden, mogelijke onmiddellijke gevolgen aan de buitengrenzen en latere gevolgen voor de werking van het Schengengebied in kaart brengt; en dat het Agentschap hun vermogen beoordeelt om bij te dragen aan de in artikel 20, lid 5, genoemde snel inzetbare pool. Deze beoordeling laat het Schengenevaluatiemechanisme onverlet.

Bij deze beoordeling houdt het Agentschap rekening met de capaciteit van de lidstaten om alle grensbeheertaken uit te voeren, met inbegrip van hun vermogen om in te spelen op de komst van een groot aantal personen op hun grondgebied.

5. De resultaten van de kwetsbaarheidsbeoordeling worden voorgelegd aan de betrokken lidstaten. De betrokken lidstaten kunnen opmerkingen formuleren over die beoordeling.

6. Indien nodig doet de uitvoerend directeur in overleg met de betrokken lidstaat een aanbeveling inzake de maatregelen die de betrokken lidstaat moet nemen, waarin tevens de termijn is aangegeven waarbinnen de maatregelen moeten worden genomen. De uitvoerend directeur verzoekt de betrokken lidstaten om de nodige maatregelen te treffen.

7. De uitvoerend directeur baseert de maatregelen die aan de betrokken lidstaten worden aanbevolen op de resultaten van de kwetsbaarheidsbeoordeling, waarbij rekening wordt gehouden met de risicoanalyse van het Agentschap, de opmerkingen van de betrokken lidstaat en de resultaten van het Schengenevaluatiemechanisme.

De maatregelen moeten gericht zijn op het wegwerken van de in de beoordeling vastgestelde kwetsbaarheden opdat de lidstaten hun paraatheid ten aanzien van aankomende problemen zouden verhogen door het versterken of verbeteren van hun vermogens, technische uitrusting, systemen, middelen en noodplannen.

8. Indien een lidstaat nalaat binnen de in lid 6 van dit artikel gestelde termijn de nodige maatregelen van de aanbeveling uit te voeren, legt de uitvoerend directeur de zaak voor aan de raad van bestuur en stelt hij de Commissie daarvan in kennis. Op voorstel van de uitvoerend directeur stelt de raad van bestuur een besluit vast inzake de nodige maatregelen die de betrokken lidstaat moet nemen en de termijn waarbinnen die maatregelen moeten worden uitgevoerd. Het besluit van de raad van bestuur is voor de betrokken lidstaat bindend. Indien de lidstaat nalaat binnen de in dat besluit gestelde termijn de maatregelen uit te voeren, stelt de raad van bestuur de Raad en de Commissie daarvan in kennis en kunnen overeenkomstig artikel 19 verdere maatregelen worden genomen.

9. De resultaten van kwetsbaarheidsbeoordelingen worden overeenkomstig artikel 50 regelmatig en ten minste eenmaal per jaar doorgegeven aan het Europees Parlement, aan de Raad en aan de Commissie.

Vorige artikelen

Volgende artikelen