Art. 37 Verordening (EU) nr. 702/2014, Steun voor bosmilieuklimaatdiensten en bosinstandhouding

Verordening (EU) nr. 702/2014

1. Steun voor bosmilieuklimaatdiensten en bosinstandhouding die wordt toegekend aan publieke of particuliere bosbezitters, privaatrechtelijke of publieke organisaties en verenigingen daarvan, is verenigbaar met de interne markt in de zin van artikel 107, lid 3, onder (c), van het Verdrag en vrijgesteld van de aanmeldingsverplichting van artikel 108, lid 3, van het Verdrag als hij voldoet aan de voorwaarden die zijn vastgesteld in de leden 2 tot en met 9 van dit artikel en in hoofdstuk I.

2. De steun:

a) wordt in het kader van een plattelandsontwikkelingsprogramma overeenkomstig Verordening (EU) nr. 1305/2013 en de krachtens die verordening door de Commissie vastgestelde gedelegeerde en uitvoeringshandelingen toegekend:

i) als steun die uit het Elfpo wordt gecofinancierd, of

ii) als aanvullende nationale financiering bij de onder (i) genoemde steun,

en

b) is identiek aan de onderliggende maatregel voor plattelandsontwikkeling in het onder (a) bedoelde plattelandsontwikkelingsprogramma.

3. In de rechtsgrondslag van de steun wordt vermeld dat de steun niet mag worden ingevoerd voordat de Commissie het betrokken plattelandsontwikkelingsprogramma heeft goedgekeurd.

4. Als het gaat om bosmilieuklimaatdiensten en bosinstandhouding van grond die aan de staat toebehoort, wordt de steun slechts verleend als de instantie die deze grond beheert, een particuliere instantie of een gemeente is.

5. Voor bosbedrijven vanaf een bepaalde door de lidstaten vast te stellen omvang is de steun afhankelijk van de overlegging van de toepasselijke gegevens van een bosbeheerplan of gelijkwaardig instrument dat in overeenstemming is met duurzaam bosbeheer, als omschreven door de tweede ministeriële conferentie over de bescherming van de bossen in Europa van 1993.

6. De steun wordt toegekend per hectare bosgrond.

7. De steun wordt slechts toegekend voor verbintenissen die verder gaan dan de dwingende voorschriften die in de nationale bosbouwwetgeving of in andere toepasselijke nationale of uniale wetgeving zijn vastgesteld. De dwingende nationale voorschriften worden duidelijk omschreven.

De verbintenissen worden aangegaan voor een periode van vijf tot zeven jaar. Indien dat nodig is en naar behoren wordt gemotiveerd, kunnen de lidstaten voor specifieke soorten verbintenissen een langere periode vaststellen.

8. Met de steun worden de begunstigden geheel of gedeeltelijk vergoed voor de extra kosten en de gederfde inkomsten die uit de in lid 7 bedoelde verbintenissen voortvloeien.

Indien nodig kan de steun ook transactiekosten tot een waarde van 20 % van de steun dekken.

In naar behoren gemotiveerde gevallen kan, voor op milieubehoud gerichte concrete acties, de steun voor verbintenissen om van het commerciële gebruik van bomen en bossen af te zien, worden verleend in de vorm van een forfaitaire of eenmalige betaling per eenheid, berekend op basis van de extra kosten en het gederfde inkomen.

9. De steun bedraagt ten hoogste 200 EUR per hectare per jaar.

In uitzonderingsgevallen kan dit maximumbedrag worden verhoogd op grond van specifieke omstandigheden die in de plattelandsontwikkelingsprogramma's moeten worden aangetoond.

Vorige artikelen

Volgende artikelen