Art. 42 Verordening (EU) nr. 702/2014, Steun voor de instandhouding van genetische hulpbronnen in de bosbouw
1. Steun voor de instandhouding van genetische hulpbronnen in het kader van bosmilieuklimaatdiensten en bosinstandhouding die wordt verleend aan publieke of particuliere entiteiten, is verenigbaar met de interne markt in de zin van artikel 107, lid 3, onder cc), van het Verdrag en vrijgesteld van de aanmeldingsverplichting van artikel 108, lid 3, van het Verdrag als hij voldoet aan de voorwaarden die zijn vastgesteld in de leden 2 tot en met 6 van dit artikel en in hoofdstuk I.
2. De steun:
a) wordt in het kader van een plattelandsontwikkelingsprogramma overeenkomstig Verordening (EU) nr. 1305/2013 en de krachtens die verordening door de Commissie vastgestelde gedelegeerde en uitvoeringshandelingen toegekend:
i) als steun die uit het Elfpo wordt gecofinancierd, of
ii) als aanvullende nationale financiering bij de onder (i) genoemde steun,
en
b) is identiek aan de onderliggende maatregel voor plattelandsontwikkeling in het onder (a) bedoelde plattelandsontwikkelingsprogramma.
3. In de rechtsgrondslag van de steun wordt vermeld dat de steun niet mag worden ingevoerd voordat de Commissie het betrokken plattelandsontwikkelingsprogramma heeft goedgekeurd.
4. Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
a) „instandhouding in situ”: de instandhouding van genetisch materiaal in ecosystemen en natuurlijke habitats en het behoud en herstel van levensvatbare populaties van soorten in hun natuurlijke omgeving;
b) „instandhouding op het bosbouwbedrijf”: instandhouding in situ en ontwikkeling op het niveau van het bosbouwbedrijf;
c) „instandhouding ex situ”: de instandhouding van genetisch materiaal voor de bosbouw buiten de natuurlijke habitat;
d) „verzameling ex situ”: de verzameling van genetisch materiaal voor de bosbouw buiten de natuurlijke habitat.
5. De steun dekt de kosten van de volgende concrete acties:
a) gerichte acties: acties ter bevordering van de instandhouding, de karakterisering, de verzameling en het gebruik van genetische hulpbronnen in de bosbouw in situ en ex situ, met inbegrip van de opstelling van webgebaseerde inventarissen van de genetische hulpbronnen die momenteel in situ in stand worden gehouden, inclusief instandhouding op het bosbouwbedrijf, en van de verzamelingen ex situ en de databases;
b) gecoördineerde acties: acties ter bevordering van de uitwisseling van informatie tussen de bevoegde organisaties van de lidstaten ten behoeve van de instandhouding, de karakterisering, de verzameling en het gebruik van genetische hulpbronnen in de bosbouw van de Unie;
c) begeleidende acties: voorlichtings-, verspreidings- en adviseringsacties waarbij niet-gouvernementele organisaties en andere relevante belanghebbenden worden betrokken, opleidingen en de opstelling van technische verslagen.
6. De steun bedraagt ten hoogste 100 % van de in aanmerking komende kosten.