Art. 21 Verordening (EU) nr. 702/2014, Steun voor acties inzake kennisoverdracht en voorlichting
1. Steun voor acties inzake kennisoverdracht en voorlichting is verenigbaar met de interne markt in de zin van artikel 107, lid 3, onder (c), van het Verdrag en vrijgesteld van de aanmeldingsverplichting van artikel 108, lid 3, van het Verdrag als hij voldoet aan de voorwaarden die zijn vastgesteld in de leden 2 tot en met 8 van dit artikel en in hoofdstuk I.
2. De steun dient voor de financiering van acties op het gebied van beroepsopleiding en de verwerving van vaardigheden, waaronder opleidingscursussen, workshops en coaching, demonstratieactiviteiten en voorlichtingsacties.
De steun kan ook worden toegekend voor korte uitwisselingen inzake landbouwbedrijfsbeheer en voor bezoeken aan landbouwbedrijven.
Voor demonstratieactiviteiten mag steun worden verleend ter dekking van de betrokken investeringskosten.
3. De steun dekt de volgende in aanmerking komende kosten:
a) de kosten van de organisatie van beroepsopleiding, acties voor de verwerving van vaardigheden, waaronder opleidingscursussen, workshops en coaching, demonstratieactiviteiten en voorlichtingsacties;
b) de kosten in verband met de reis-, verblijfs- en dagvergoedingen van de deelnemers;
c) de kosten van vervangende diensten tijdens de afwezigheid van de deelnemers;
d) als het gaat om demonstratieprojecten in verband met investeringen:
i) de kosten van de bouw, verwerving, inclusief leasing, of verbetering van onroerende goederen, waarbij grond alleen in aanmerking komt voor zover de kosten daarvan niet hoger zijn dan 10 % van de totale in aanmerking komende kosten van de betrokken concrete actie;
ii) de kosten van de koop of huurkoop van machines en uitrusting, tot maximaal de marktwaarde van de activa;
iii) algemene kosten in verband met de onder (i) en (ii) bedoelde uitgaven, zoals voor het inschakelen van architecten, ingenieurs en adviseurs en voor advies over ecologische en economische duurzaamheid, met inbegrip van haalbaarheidsstudies; haalbaarheidsstudies blijven in aanmerking komen, zelfs wanneer op basis van de resultaten daarvan geen uitgaven uit hoofde van het bepaalde onder i) en ii) worden gedaan;
iv) de aankoop of ontwikkeling van computersoftware en de verwerving van octrooien, licenties, auteursrechten en handelsmerken.
4. De in punt 3, onder (d), bedoelde kosten komen slechts in aanmerking voor zover en zolang zij voor het demonstratieproject worden gemaakt.
Alleen de afschrijvingskosten die met de looptijd van het demonstratieproject overeenstemmen, als berekend volgens algemeen erkende boekhoudkundige beginselen, worden als in aanmerking komende kosten beschouwd.
5. De in lid 3, onder (a) en (c), bedoelde steun wordt niet toegekend in de vorm van rechtstreekse betalingen aan de begunstigden.
De in lid, onder 3, (a) en (c), bedoelde steun wordt betaald aan de aanbieder van de acties inzake kennisoverdracht en voorlichting.
6. De organisaties die acties inzake kennisoverdracht en voorlichting aanbieden, beschikken over hiertoe gekwalificeerd en geregeld opgeleid personeel.
De in de lid 2 bedoelde activiteiten mogen worden verricht door producentengroeperingen of andere organisaties, ongeacht hoe groot die zijn.
7. De steun is onder objectief vastgestelde voorwaarden toegankelijk voor alle ondernemingen die daarvoor in het betrokken gebied in aanmerking komen.
Als de in lid 2 bedoelde activiteiten door producentengroeperingen en -organisaties worden verricht, mag lidmaatschap van die groeperingen of organisaties geen voorwaarde zijn om toegang tot die activiteiten te krijgen.
Eventuele bijdragen van niet-leden in de administratieve kosten van de betrokken producentengroepering of -organisatie zijn beperkt tot de kosten van de in lid 2 bedoelde activiteiten.
8. De steunintensiteit bedraagt ten hoogste 100 % van de in aanmerking komende kosten.
Voor de in lid 3, onder (d) bedoelde demonstratieprojecten moet het maximale steunbedrag beperkt blijven tot 100 000 EUR over een periode van drie belastingjaren.