Art. 27 Verordening (EU) nr. 1305/2013, Oprichting van producentengroeperingen en -organisaties
Verordening (EU) nr. 1305/2013
1. In het kader van deze maatregel wordt steun verleend ter bevordering van de oprichting van producentengroeperingen en -organisaties in de landbouw- en de bosbouwsector, met als doel:
a) de productie en output van de producenten die er lid van zijn, aan te passen aan de markteisen;
b) goederen gezamenlijk in de handel te brengen, met inbegrip van de voorbereiding voor de verkoop, de centralisatie van de verkoop en de levering aan bulkkopers;
c) gemeenschappelijke regels vast te stellen voor de verstrekking van informatie over de productie, en vooral over de oogst en de beschikbaarheid van producten; en
d) eventueel andere activiteiten te verrichten, onder meer op het gebied van de ontwikkeling van bedrijfsvoerings- en marketingvaardigheden en de organisatie en bevordering van innovatieprocessen.
2. De steun wordt verleend aan producentengroeperingen en -organisaties die op basis van een bedrijfsplan officieel door de bevoegde autoriteit van de lidstaat zijn erkend. De steun kan uitsluitend worden verleend aan producentengroeperingen en -organisaties die kmo's zijn.
De lidstaten verifiëren of de doelstellingen van het bedrijfsplan uiterlijk vijf jaar na de erkenning van de producentengroepering of -organisatie, zijn bereikt.
3. De steun wordt op forfaitaire basis op basis van haar bedrijfsplan in jaartranches verleend gedurende niet langer dan vijf jaar na de datum waarop de producentengroepering of -organisatie is erkend, en is degressief. Het steunbedrag wordt berekend op basis van de jaarlijkse door de groepering of organisatie afgezette productie. De lidstaten betalen de laatste tranche pas wanneer zij hebben geverifieerd dat het bedrijfsplan correct is uitgevoerd.
Gedurende het eerste jaar kunnen de lidstaten steun aan de producentengroeperingen of –organisaties betalen die wordt berekend op basis van de gemiddelde jaarlijkse waarde van de productie die de aangesloten leden gedurende een periode van drie jaar vóór hun toetreding tot de groepering of organisatie hebben afgezet. Wat producentengroeperingen en -organisaties in de bosbouwsector betreft, wordt de steun berekend op basis van de gemiddelde productie die de aangesloten leden gedurende een periode van vijf jaar vóór de erkenning hebben afgezet, de hoogste en de laagste waarde niet meegerekend.
4. De steun mag de in bijlage II vastgestelde maximumpercentages en -bedragen niet overschrijden.
5. De lidstaten kunnen steun voor de oprichting van producentengroeperingen blijven verlenen, zelfs nadat die volgens de voorwaarden van Verordening (EU) nr. 1308/2013 (24) erkend zijn als producentenorganisatie.