Art. 12, Uitsluiting
1. Een onderdaan van een derde land of staatloze wordt uitgesloten van de vluchtelingenstatus wanneer:
a) hij onder artikel 1, onder D, van het Verdrag van Genève valt, dat betrekking heeft op het genieten van bescherming of bijstand van andere organen of instellingen van de Verenigde Naties dan de UNHCR. Is die bescherming of bijstand om welke reden ook opgehouden zonder dat de positie van de betrokkene definitief geregeld is in overeenstemming met de desbetreffende resoluties van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties, dan heeft de betrokkene op grond van dit feit recht op de voorzieningen uit hoofde van deze richtlijn;
b) hij door de bevoegde autoriteiten van het land waar hij zich heeft gevestigd, beschouwd wordt de rechten en verplichtingen te hebben, welke met het bezit van de nationaliteit van dat land verbonden zijn, of daarmee gelijkwaardige rechten en verplichtingen.
2. Een onderdaan van een derde land of staatloze wordt uitgesloten van de vluchtelingenstatus wanneer er ernstige redenen zijn om aan te nemen dat:
a) hij een misdrijf tegen de vrede, een oorlogsmisdrijf of een misdrijf tegen de menselijkheid heeft gepleegd, zoals gedefinieerd in de internationale instrumenten waarmee wordt beoogd regelingen te treffen ten aanzien van dergelijke misdrijven;
b) hij buiten het land van toevlucht een ernstig, niet-politiek misdrijf heeft begaan voordat hij tot dit land als vluchteling is toegelaten, dat wil zeggen de afgifte van een verblijfstitel op grond van de toekenning van de vluchtelingenstatus; bijzonder wrede handelingen kunnen, zelfs indien zij met een beweerd politiek oogmerk zijn uitgevoerd, als ernstige, niet-politieke misdrijven aangemerkt worden;
c) hij zich schuldig heeft gemaakt aan handelingen welke in strijd zijn met de doelstellingen en beginselen van de Verenigde Naties als vervat in de preambule en de artikelen 1 en 2 van het Handvest van de Verenigde Naties.
3. Lid 2 is van toepassing op personen die aanzetten tot of anderszins deelnemen aan de daar genoemde misdrijven of daden.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- ABRvS A-G Widdershoven 20 juli 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2040
- ABRvS 16 juni 2015, ECLI:NL:RVS:2015:2008
- ABRvS 15 juni 2022, ECLI:NL:RVS:2022:1703
- Rb. Den Haag 11 juli 2025, ECLI:NL:RBDHA:2025:12328
- Rb. Den Haag 9 juni 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:6389
- Rb. Den Haag 14 april 2025, ECLI:NL:RBDHA:2025:6582
- Rb. Den Haag 6 maart 2019, ECLI:NL:RBDHA:2019:2190
- Rb. Den Haag 25 april 2018, ECLI:NL:RBDHA:2018:4917
- Rb. Den Haag 18 december 2025, ECLI:NL:RBDHA:2025:24307
- Rb. Den Haag 16 september 2024, ECLI:NL:RBDHA:2024:15439
- Rb. Den Haag 21 september 2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:11917
- Rb. Den Haag 7 februari 2014, ECLI:NL:RBDHA:2014:1860