Art. 13 Verordening (EG) nr. 1005/2009, Kritische toepassingen van halonen en buitengebruikstelling van halonen bevattende apparaten
Verordening (EG) nr. 1005/2009
1. In afwijking van het bepaalde in artikel 5, lid 1, mogen halonen op de markt worden gebracht en worden gebruikt voor de in bijlage VI vermelde kritische toepassingen. Halonen mogen alleen op de markt worden gebracht door ondernemingen waaraan de bevoegde instantie van de betreffende lidstaat toestemming heeft verleend voor de opslag van halonen voor kritische toepassingen.
2. De Commissie toetst bijlage VI en stelt zo nodig wijzigingen en tijdschema’s voor geleidelijke eliminatie van de kritische toepassingen vast door uiterste data voor nieuwe toepassingen en einddata voor bestaande toepassingen vast te leggen, met inachtneming van de beschikbaarheid van technisch en economisch haalbare alternatieven of technologieën die met het oog op milieu en gezondheid aanvaardbaar zijn.
Deze maatregelen, die beogen niet-essentiële onderdelen van deze verordening te wijzigen, onder meer door haar aan te vullen, worden vastgesteld volgens de in artikel 25, lid 3, bedoelde regelgevingsprocedure met toetsing.
3. Halonen bevattende brandbeveiligingssystemen en blusapparaten die worden gebruikt voor de in lid 1 bedoelde toepassingen, worden uiterlijk op de in bijlage VI vermelde einddata buiten gebruik gesteld.
4. De Commissie kan op verzoek van de bevoegde instantie van een lidstaat en overeenkomstig de in artikel 25, lid 2, bedoelde beheersprocedure afwijkingen toestaan van de einddata of uiterste data, mits die data in lid 2 in bijlage VI zijn gespecificeerd, in specifieke gevallen waarin is aangetoond dat er geen technisch en economisch haalbaar alternatief beschikbaar is.