Art. 12 Verordening (EG) nr. 1005/2009, Toepassingen voor quarantainedoeleinden, toepassingen voorafgaand aan het vervoer en gebruik in noodgevallen van methylbromide

Verordening (EG) nr. 1005/2009

1. In afwijking van het bepaalde in artikel 5, lid 1, mag methylbromide tot en met 18 maart 2010 op de markt worden gebracht en worden gebruikt voor quarantainedoeleinden en voor toepassingen voorafgaand aan het vervoer voor de behandeling van exportgoederen, mits het op de markt brengen en gebruik van methylbromide toegestaan is uit hoofde van de nationale wetgeving overeenkomstig Richtlijn 91/414/EEG respectievelijk Richtlijn 98/8/EG.

Methylbromide mag uitsluitend worden gebruikt op door de bevoegde instanties van de betrokken lidstaat goedgekeurde locaties en, indien dat economisch en technisch haalbaar is, op voorwaarde dat ten minste 80 % van het uit de behandelde goederen vrijkomende methylbromide wordt teruggewonnen.

2. Het berekende niveau van het methylbromide dat ondernemingen in de periode van 1 januari tot en met 18 maart 2010 op de markt brengen of voor eigen rekening gebruiken, is niet hoger dan 45 ODP ton.

Iedere onderneming verzekert dat het berekende niveau van het methylbromide dat hij voor quarantainedoeleinden en toepassingen voorafgaand aan het vervoer op de markt brengt of voor eigen rekening gebruikt, niet meer bedraagt dan 21 % van het gemiddelde van het berekende niveau van het methylbromide dat hij in de jaren 2005 tot en met 2008 voor quarantainedoeleinden en toepassingen voorafgaand aan het vervoer op de markt heeft gebracht of voor eigen rekening heeft gebruikt.

3. In noodgevallen kan de Commissie, op verzoek van de bevoegde instantie van een lidstaat, wanneer een onverwachte uitbraak van bepaalde plagen of ziekten zulks vereist, tijdelijk de productie, het op de markt brengen en het gebruik van methylbromide toestaan, mits het op de markt brengen en gebruik van mehtylbromide toegestaan is uit hoofde van Richtlijn 91/414/EEG respectievelijk Richtlijn 98/8/EG.

Zulk een toestemming geldt voor een periode van maximaal 120 dagen en een hoeveelheid van maximaal 20 metrieke ton en omvat een specificatie van de maatregelen die moeten worden genomen om de emissies bij het gebruik te verminderen.