Art. 5 Verordening (EG) nr. 314/2002
1. Onder voorbehoud van de leden 2 tot en met 5 van dit artikel wordt voor de toepassing van de artikelen 13 tot en met 18 van Verordening (EG) nr. 1260/2001 onder suikerproductie of isoglucoseproductie van een onderneming verstaan de hoeveelheid suiker of isoglucose die door deze onderneming werkelijk is geproduceerd.
2. De totale suikerproductie van een onderneming voor een verkoopseizoen is de in lid 1 bedoelde productie, vermeerderd met de naar dat verkoopseizoen overgedragen hoeveelheid en verminderd met de naar het volgende verkoopseizoen overgedragen hoeveelheid.
3. De hoeveelheid suiker die in het kader van een loonwerkovereenkomst door een suikerproducerende onderneming, hierna "verwerker" genoemd, is geproduceerd voor rekening van een andere suikerproducerende onderneming, hierna "lastgever" genoemd, wordt op een schriftelijke, naar behoren ondertekende en door de betrokken twee fabrikanten tot de betrokken lidstaat gerichte aanvraag als productie van de lastgever beschouwd, indien een van de volgende voorwaarden is vervuld:
a) de totale suikerproductie van de verwerker is kleiner dan zijn A-quotum;
b) de totale suikerproductie van de verwerker is groter dan zijn A-quotum maar kleiner dan de som van zijn A-quotum en zijn B-quotum, terwijl de totale suikerproductie van de lastgever groter dan diens A-quotum is;
c) de totale suikerproductie van de verwerker en van de lastgever is groter dan de som van hun respectieve A- en B-quota.
4. Indien de fabriek van de lastgever en die van de verwerker zich in verschillende lidstaten bevinden, moet de in lid 3 bedoelde aanvraag tot de betrokken twee lidstaten worden gericht. In dit geval plegen de betrokken lidstaten overleg over het te geven antwoord en nemen zij de nodige maatregelen om na te gaan of de in lid 3 vastgestelde voorwaarden worden nageleefd.
5. De door een verwerker geproduceerde hoeveelheid suiker kan volgens de in artikel 42, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1260/2001 bedoelde procedure als productie van de lastgever worden beschouwd, indien de verwerking van de suikerbieten, het suikerriet of de melasse tot suiker in een andere onderneming dan die van de lastgever door een geval van overmacht noodzakelijk is.