Art. 8 Verordening (EG) nr. 1392/2001, Betalingstermijn

Verordening (EG) nr. 1392/2001

1. De heffingplichtige koper of, in het geval van rechtstreekse verkoop, producent maakt jaarlijks vóór 1 september het verschuldigde bedrag aan de bevoegde autoriteit over volgens de door de lidstaat vastgestelde nadere voorschriften.

2. Indien de betalingstermijn niet in acht wordt genomen, wordt over de verschuldigde bedragen jaarlijks een rente berekend tegen de driemaandelijkse referentierentevoet die op 1 september van het betrokken jaar geldt en die voor iedere lidstaat overeenkomstig bijlage II wordt vastgesteld, vermeerderd met één procentpunt.

De in de eerste alinea bedoelde rente wordt gecrediteerd aan het Europees Oriëntatie- en Garantiefonds voor de Landbouw (EOGFL), afdeling Garantie.

3. De lidstaten nemen de nodige aanvullende maatregelen om ervoor te zorgen dat de verschuldigde heffing binnen de voorgeschreven termijn aan de Gemeenschap wordt betaald overeenkomstig artikel 7, lid 1, van Verordening (EG) nr. 296/96 van de Commissie(7).

4. Indien uit het in artikel 3, lid 5, van Verordening (EG) nr. 296/96 bedoelde dossier dat de lidstaten maandelijks bij de Commissie indienen, blijkt dat deze termijn niet in acht is genomen, verlaagt de Commissie de voorschotten op afrekening van de landbouwuitgaven naar rata van het verschuldigde bedrag of het geraamde verschuldigde bedrag.

Vorige artikelen

Volgende artikelen