Art. 9 Verordening (EG) nr. 1392/2001, Criteria voor de verdeling van het teveel aan heffing
Verordening (EG) nr. 1392/2001
1. De lidstaten bepalen in voorkomend geval de in artikel 2, lid 4, van Verordening (EEG) nr. 3950/92 bedoelde prioritaire categorieën producenten aan de hand van een of meer van de volgende objectieve criteria, in volgorde van prioriteit:
a) de formele erkenning door de bevoegde autoriteit van de lidstaat dat de heffing, geheel of gedeeltelijk, ten onrechte is geheven;
b) de geografische ligging van het bedrijf, in de eerste plaats de ligging in berggebieden als bedoeld in artikel 18 van Verordening (EG) nr. 1257/1999 van de Raad(8);
c) de maximale veedichtheid van het bedrijf, die kenmerkend is voor extensivering van de dierlijke productie;
d) de hoeveelheid waarmee de individuele referentiehoeveelheid is overschreden;
e) de referentiehoeveelheid waarover de producent beschikt.
2. Indien bij toepassing van de in lid 1 vastgestelde criteria de beschikbare financiële middelen voor een gegeven periode niet volledig worden opgebruikt, worden door de lidstaat na overleg met de Commissie andere objectieve criteria vastgesteld.