Art. 57 Richtlijn 2000/12/EG, Samenstelling en taken van het Raadgevend Comité voor het bankwezen

Richtlijn 2000/12/EG

1. Bij de Commissie wordt een Raadgevend Comité voor het bankwezen van de bevoegde autoriteiten van de lidstaten ingesteld.

2. Het Raadgevend Comité voor het bankwezen heeft tot taak de Commissie bij te staan in haar taak te zorgen voor een juiste toepassing van de onderhavige richtlijn. Het vervult verder de in onderhavige richtlijn omschreven andere taken en staat de Commissie bij in het uitwerken van nieuwe voorstellen aan de Raad betreffende de verdere coördinatie op het gebied van de kredietinstellingen.

3. Het Raadgevend Comité voor het bankwezen houdt zich niet bezig met de bestudering van concrete vraagstukken die verband houden met de afzonderlijke kredietinstellingen.

4. Het Raadgevend Comité voor het bankwezen is samengesteld uit ten hoogste drie vertegenwoordigers van elke lidstaat en van de Commissie. Deze vertegenwoordigers kunnen bij gelegenheid en op voorwaarde van voorafgaande goedkeuring door het comité, vergezeld worden door adviseurs. Het comité kan ook gekwalificeerde personen alsmede deskundigen uitnodigen om aan zijn vergaderingen deel te nemen. De secretariaatswerkzaamheden worden verzorgd door de Commissie.

5. Het Raadgevend Comité voor het bankwezen stelt zijn reglement van orde vast en kiest uit de vertegenwoordigers der lidstaten een voorzitter. Met regelmatige tussenpozen wordt door het comité vergaderd en bovendien telkens wanneer de omstandigheden zulks vergen. De Commissie kan een spoedvergadering van het comité vragen, indien de omstandigheden dit naar haar oordeel vereisen.

6. De beraadslagingen van het Raadgevend Comité voor het bankwezen en de resultaten daarvan zijn vertrouwelijk, behoudens andersluidend besluit van het comité.