Art. 16 Verordening (EG) nr. 3284/94
Overleg 1. Overleg zoals bedoeld in deze verordening, met uitzondering van het overleg zoals bedoeld in artikel 7, lid 9, en artikel 8, lid 10, vindt plaats in een raadgevend comité dat bestaat uit vertegenwoordigers van elke Lid-Staat en waarvan een vertegenwoordiger van de Commissie voorzitter is. Overleg vindt op verzoek van een Lid-Staat of op initiatie van de Commissie onmiddellijk plaats en in ieder geval binnen een periode die het mogelijk maakt de in deze verordening aangegeven termijnen aan te houden.
2. Het comité komt op uitnodiging van de voorzitter bijeen. Deze verstrekt de Lid-Staten zo spoedig mogelijk de nodige gegevens.
3. Zo nodig kan het overleg uitsluitend schriftelijk plaatsvinden. De Commissie deelt dit aan de Lid-Staten mede, onder opgave van de termijn waarbinnen zij hun standpunt kenbaar kunnen maken of om mondeling overleg kunnen verzoeken. Het mondelinge overleg wordt door de voorzitter geregeld, mits het binnen een periode kan plaatsvinden die het mogelijk maakt de in deze verordening genoemde termijnen aan te houden.
4. Het overleg heeft met name betrekking op:
i) het bestaan van tot compenserende rechten aanleiding gevende subsidies en de methoden om de hoogte daarvan vast te stellen;
ii) het bestaan en de omvang van de schade;
iii) het oorzakelijke verband tussen de gesubsidieerde invoer en de schade;
iv) de maatregelen die in de gegeven omstandigheden passend zijn om schade door tot compensatie aanleiding gevende subsidies te voorkomen of weg te nemen en de wijze waarop deze maatregelen worden uitgevoerd.