Art. 25 Verordening (EEG) nr. 2456/93

Verordening (EEG) nr. 2456/93

Verpakken van deelstukken 1. De deelstukken worden onmiddellijk na het uitbenen verpakt overeenkomstig de bepalingen van bijlage VII en zodanig dat het vlees nergens rechtstreeks met het karton in aanraking komt.

2. Voor de binnenbekleding van de kartons gebruikt polyethyleen en folie of zakken van polyethyleen waarin de deelstukken worden verpakt, moeten ten minste 0,05 mm dik en van een voor het verpakken van levensmiddelen geschikte kwaliteit zijn.

Wanneer de deelstukken afzonderlijk verpakt zijn en in kartonnen dozen worden gedaan die aan de binnenzijde voorzien zijn van polyethyleenfolie of van een polyethyleenzak, moet dit polyethyleen alleen een dikte van ten minste 0,05 mm hebben.

3. De gebruikte kartons en pallets moeten voldoen aan de voorschriften van bijlage IX.

Vorige artikelen

Volgende artikelen