Art. 24 Verordening (EEG) nr. 2456/93

Verordening (EEG) nr. 2456/93

Bijzondere bepalingen voor het uitbenen van vlees 1. Tijdens uit uitbenen, het opmaken en het verpakken vóór het invriezen mag de inwendige temperatuur van het vlees nooit meer dan +7 °C bedragen. De deelstukken mogen pas na het snelvriezen worden vervoerd, behalve wanneer er afwijkingen als bedoeld in artikel 21, lid 1, gelden.

2. Alle etiketten en ongerechtigheden moeten vlak vóór het uitbenen geheel worden verwijderd.

3. Alle beenderen, pezen, al het kraakbeen, ligamentum nuchae en alle grote zenen moeten zorgvuldig worden verwijderd. Het opmaken van de deelstukken moet beperkt blijven tot het verwijderen van vetresten, kraakbeen, pezen, gewrichtskapsels en andere specifieke afsnijdsels. Alle grote zenuwen en al het zichtbare lymfweefsel moeten worden verwijderd.

4. Grote bloedvaten en -klonters en alle verontreinigde delen moeten zorgvuldig worden verwijderd, waarbij zo weinig mogelijk moet worden weggesneden.

Vorige artikelen

Volgende artikelen