Art. 722 Verordening (EEG) nr. 2454/93

Verordening (EEG) nr. 2454/93

1. Gebruikmaking van de regeling tijdelijke invoer wordt toegestaan voor vervoermiddelen voor vervoer door de lucht.

2. De in lid 1 bedoelde vervoermiddelen mogen in het douanegebied van de Gemeenschap verblijven gedurende de tijd die nodig is om het doel te bereiken waarvoor de tijdelijke invoer werd aangevraagd, zoals het aanvoeren, het opnemen of afzetten van passagiers, het laden en lossen van goederen, vervoer en onderhoud.

3. Artikel 718, leden 6 en 7, is van overeenkomstige toepassing op vervoermiddelen voor het vervoer door de lucht voor bedrijfsdoeleinden. De douaneautoriteiten kunnen in uitzonderlijke gevallen toestaan dat een in het douanegebied van de Gemeenschap gevestigde persoon onder de regeling tijdelijke invoer luchtvaartuigen invoert en voor een beperkte, door de douaneautoriteiten voor elk afzonderlijk geval vast te stellen, periode gebruikt.

4. Wanneer de in lid 1 bedoelde vervoermiddelen voor particulier vervoer door de lucht worden gebruikt, is artikel 719, lid 3, van toepassing.

5. De in lid 4 bedoelde vervoermiddelen mogen voor een al dan niet onderbroken duur van zes maanden per tijdvak van twaalf maanden in het douanegebied van de Gemeenschap verblijven.

6. Artikel 719, leden 8 tot en met 12, is van overeenkomstige toepassing op vervoermiddelen voor vervoer door de lucht voor particulier gebruik.

d) Vervoermiddelen voor vervoer over zee of over de binnenwateren