Art. 727 Verordening (EEG) nr. 2454/93

Verordening (EEG) nr. 2454/93

1. Containers worden geacht te zijn goedgekeurd voor vervoer onder douaneverzegeling wanneer:

a) daarop, naast de in artikel 726, lid 1, bedoelde gegevens, op een goedkeuringsplaat ook de hierna genoemde zijn aangebracht, overeenkomstig de voorschriften in lid 2:

- het door de fabrikant toegekende volgnummer (fabrieksnummer) en

- indien zij per prototype zijn goedgekeurd, de identificatienummers of -letters van het type;

b) zij aan de in lid 2 bedoelde technische voorschriften voldoen;

c) zij door een Lid-Staat of door een van de in bijlage 99 genoemde landen overeenkomstig de in lid 2 bedoelde procedures zijn goedgekeurd.

2. De technische voorschriften die van toepassing zijn op containers die tot het vervoer onder douaneverzegeling kunnen worden toegelaten en de procedures voor de goedkeuring van deze containers stemmen respectievelijk overeen met het eerste en het tweede deel van bijlage 7 van de TIR-overeenkomst die een bijlage vormen bij Verordening (EEG) nr. 2112/78 van de Raad (23). Elke in werking getreden wijziging van bijlage 7 van de TIR-overeenkomst geldt eveneens voor onderhavige verordening.

(23) PB nr. L 252 van 28. 9. 1987, blz. 1.

Deze voorschriften worden toegepast volgens de toelichting in het derde deel van genoemde bijlage 7.

3. Wanneer wordt vastgesteld dat goedgekeurde containers niet aan de in lid 2 bedoelde technische eisen voldoen of wanneer een container een ernstig gebrek vertoont en derhalve niet meer aan de normen beantwoordt op grond waarvan hij voor het vervoer onder douaneverzegeling werd goedgekeurd, handelt het douanekantoor overeenkomstig bijlage 100.