Art. 725 Verordening (EEG) nr. 2454/93

Verordening (EEG) nr. 2454/93

1. Gebruikmaking van de regeling tijdelijke invoer wordt toegestaan voor containers die zijn goedgekeurd voor vervoer onder douaneverzegeling of die alleen van merktekens zijn voorzien, indien zij voor rekening van hun eigenaars of exploitanten of de vertegenwoordigers van dezen het douanegebied van de Gemeenschap binnenkomen.

2. Andere dan de in lid 1 bedoelde containers kunnen onder de regeling tijdelijke invoer worden geplaatst indien de douaneautoriteiten van de Lid-Staat waar de regeling wordt aangevraagd dit toestaan.

3. De onder de regeling tijdelijke invoer geplaatste containers mogen voor een periode van twaalf maanden in het douanegebied van de Gemeenschap verblijven.

4. De onder de regeling tijdelijke invoer geplaatste containers kunnen in het interne verkeer worden gebruikt alvorens zij weer uit het douanegebied van de Gemeenschap worden uitgevoerd. De containers mogen echter tijdens elk verblijf in een Lid-Staat één enkele keer worden gebruikt voor het vervoer van goederen die binnen het grondgebied van die Lid-Staat worden geladen en gelost, wanneer de containers in die Lid-Staat anders leeg vervoerd zouden moeten worden.

5. Onverminderd artikel 729, lid 1, kunnen toebehoren en de normale uitrusting van containers worden ingevoerd, hetzij met een container om afzonderlijk of met een andere container weder te worden uitgevoerd, hetzij afzonderlijk om met een container weder te worden uitgevoerd.