Art. 2
In deze verordening wordt verstaan onder:
a) afvalstoffen: de afvalstoffen die als zodanig zijn omschreven in Richtlijn 75/442/EEG, artikel 1, onder a);
b) bevoegde autoriteiten: de bevoegde autoriteiten die door de Lid-Staten overeenkomstig artikel 36 zijn aangewezen of die door derde landen zijn aangewezen;
c) bevoegde autoriteit van verzending: de bevoegde autoriteit die overeenkomstig artikel 36 door de Lid-Staten is aangewezen voor het gebied vanwaar de overbrenging geschiedt, of die door derde landen is aangewezen;
d) bevoegde autoriteit van bestemming: de bevoegde autoriteit die overeenkomstig artikel 36 door de Lid-Staten is aangewezen voor het gebied waar de zending wordt ontvangen of waar de afvalstoffen in een schip worden verladen om op zee te worden verwijderd, onverminderd de bestaande overeenkomsten betreffende verwijdering op zee, of die door derde landen is aangewezen;
e) bevoegde autoriteit van doorvoer: de enige, door elke Lid-Staat overeenkomstig artikel 36 aangewezen autoriteit voor de Staat waarin de zending in doorvoer is;
f) correspondent: de centrale instantie die door iedere Lid-Staat en door de Commissie overeenkomstig artikel 37 is aangewezen;
g) kennisgever: elke natuurlijke of rechtspersoon die tot kennisgeving is verplicht, dat wil zeggen de hierna bedoelde persoon die voornemens is afvalstoffen over te brengen of te doen overbrengen:
i) de persoon wiens activiteiten deze afvalstoffen hebben voortgebracht (oorspronkelijke producent), of
ii) indien dat niet mogelijk is, een daartoe door een Lid-Staat erkende inzamelaar of een geregistreerde of erkende handelaar of makelaar die de verwijdering of nuttige toepassing van afvalstoffen regelt, of
iii) indien deze personen onbekend of niet erkend zijn, de persoon die deze afvalstoffen in zijn bezit of onder zijn wettelijke controle heeft (houder), of
iv) in geval van invoer in of doorvoer door de Gemeenschap van afvalstoffen, de persoon die door de wetgeving van het land van verzending is aangewezen, of, indien geen aanwijzing heeft plaatsgevonden, de persoon die de afvalstoffen in zijn bezit of onder zijn wettelijke controle heeft (houder);
h) ontvanger: de persoon of de onderneming naar wie respectievelijk waarnaar afvalstoffen worden overgebracht voor nuttige toepassing of verwijdering;
i) verwijdering: de handelingen als zodanig omschreven in Richtlijn 75/442/EEG, artikel 1, onder e);
j) goedgekeurd centrum: elke inrichting of onderneming waaraan een vergunning is verleend of die is erkend overeenkomstig artikel 6 van Richtlijn 75/439/EEG (8), de artikelen 9, 10 en 11 van Richtlijn 75/442/EEG of artikel 6 van Richtlijn 76/403/EEG (9);
k) nuttige toepassing: de handelingen als zodanig omschreven in Richtlijn 75/442/EEG, artikel 1, onder f);
l) Staat van verzending: elke Staat van waaruit een overbrenging van afvalstoffen voorgenomen is of plaatsvindt;
m) Staat van bestemming: elke Staat waarnaar een overbrenging van afvalstoffen voorgenomen is of plaatsvindt voor verwijdering of nuttige toepassing, of voor verlading in een schip om op zee te worden verwijderd, onverminderd bestaande overeenkomsten betreffende verwijdering op zee;
n) Staat van doorvoer: elke Staat, niet zijnde de Staat van verzending noch die van bestemming, waardoor een overbrenging van afvalstoffen is voorgenomen of plaatsvindt;
o) begeleidend document: het overeenkomstig artikel 42 op te stellen uniforme begeleidende document;
p) Verdrag van Bazel: het Verdrag van Bazel van 22 maart 1989 inzake de beheersing van de grensoverschrijdende overbrenging van gevaarlijke afvalstoffen en de verwijdering ervan;
q) Vierde Overeenkomst van Lomé: de Overeenkomst van Lomé van 15 december 1989;
r) OESO-besluit: het besluit van de OESO-Raad van 30 maart 1992 betreffende het toezicht op de grensoverschrijdende overbrenging van afvalstoffen bestemd voor handelingen ter nuttige toepassing.