Rb. Noord-Nederland 13 juni 2017, ECLI:NL:RBNNE:2017:2134
Verdachte heeft in de jaren 2006 tot en met 2009 samen met enkele andere bedrijven per tankauto en tankschip grote hoeveelheden afvalolie doorgevoerd naar Duitsland, zonder dat de autoriteiten daarover waren ingelicht en daarvoor toestemming hadden gegeven. Om dit mogelijk te maken hebben zij begeleidingsbrieven en EVOA-vervoersdocumenten voor grensoverschrijdende afvaloverbrengingen valselijk ingevuld. Op de documenten werd onder meer vermeld dat de afvalstoffen naar het bedrijf van verdachte gingen voor verwerking, terwijl deze in werkelijkheid, veelal na een zogenaamde "papierwissel", rechtstreeks naar Duitsland werden vervoerd. Daarnaast heeft verdachte in de jaren 2010 en 2011 (olie)afvalstoffen ingevoerd uit België en Duitsland, zonder dat daarbij sprake was van de juiste EVOA-kennisgevingen en vervoersdocumenten of waarbij niet in overeenstemming met deze documenten werd gehandeld. Ook in dat kader zijn EVOA-documenten valselijk ingevuld. Voorts heeft verdachte gehandeld in strijd met de aan haar verleende milieuvergunning, doordat een geur van teer- en bleeklucht op een afstand van meer dan 100 meter van de inrichting te ruiken was. Dit werd veroorzaakt door het overpompen van afvalolie in een verkeerde tank. Verdachte is voor deze feiten veroordeeld tot een geldboete van anderhalf miljoen euro, waarvan de helft voorwaardelijk. Daarnaast moet zij het voordeel dat zij uit deze feiten heeft verkregen, terugbetalen aan de staat. Dit voordeel is geschat op ruim 1,2 miljoen euro.
De uitspraak op rechtspraak.nl