Art. 10 Verordening (EEG) nr. 259/93

Verordening (EEG) nr. 259/93

De overbrenging van voor nuttige toepassing bestemde afvalstoffen die in bijlage IV worden genoemd en van voor nuttige toepassing bestemde afvalstoffen die nog niet in een van de bijlagen II, III en IV zijn opgenomen, is onderworpen aan dezelfde procedures als in de artikelen 6 tot en met 8 zijn vermeld, behalve dat de instemming van de betrokken bevoegde autoriteiten vóór de aanvang van de overbrenging schriftelijk moet worden gegeven.