Art. 4 Richtlijn 93/22/EEG

Richtlijn 93/22/EEG

De bevoegde autoriteiten verlenen geen vergunning tot het uitoefenen van de werkzaamheden van een beleggingsonderneming voordat zij in kennis zijn gesteld van de identiteit van de rechtstreekse of middellijke aandeelhouders of vennoten, natuurlijke of rechtspersonen, die daarin een gekwalificeerde deelneming bezitten, alsmede van het bedrag van die deelneming.

De bevoegde autoriteiten verlenen geen vergunning indien zij, gelet op de noodzaak een gezonde en prudente bedrijfsvoering van de beleggingsonderneming te garanderen, niet overtuigd zijn van de geschiktheid van de genoemde aandeelhouders of vennoten.

Uitspraken die dit artikel aanhalen