Art. 19 Richtlijn 92/12/EEG

Richtlijn 92/12/EEG

1. De belastingautoriteiten van de Lid-Staten worden door de bedrijven door middel van het document of van een verwijzing naar het document, bedoeld in artikel 18, op de hoogte gesteld van de partijen die zijn verzonden en ontvangen. Dit document wordt in vier exemplaren opgesteld:

- een door de afzender te bewaren exemplaar;

- een exemplaar voor de geadresseerde;

- een exemplaar dat voor zuivering naar de afzender wordt teruggezonden;

- een exemplaar bestemd voor de bevoegde autoriteiten van de Lid-Staat van bestemming.

De bevoegde autoriteiten van elke Lid-Staat van verzending kunnen bepalen dat gebruik wordt gemaakt van een extra afschrift van het document voor de bevoegde autoriteiten van de Lid-Staat van vertrek.

De Lid-Staat van bestemming kan bepalen dat het exemplaar dat voor zuivering naar de afzender wordt teruggezonden door zijn eigen autoriteiten wordt gecertificeerd of geviseerd. De Lid-Staten die deze bepaling toepassen moeten de Commissie hiervan in kennis stellen, die op haar beurt de overige Lid-Staten informeert.

De procedure die moet worden gevolgd voor het exemplaar voor de bevoegde autoriteiten van de Lid-Staat van bestemming, wordt volgens de procedure van artikel 24 vastgesteld.

2. Indien de accijnsprodukten onder de schorsingsregeling in het verkeer zijn met als bestemming een erkend entrepothouder, een geregistreerd of een niet-geregistreerd bedrijf, wordt een exemplaar van het administratieve geleidedocument of een kopie van het commerciële document, naar behoren van aantekeningen voorzien, door de geadresseerde voor zuivering naar de afzender teruggezonden, en wel uiterlijk binnen twee weken na de maand waarin de goederen door de geadresseerde zijn ontvangen.

Het terug te zenden exemplaar dient de volgende vermeldingen te bevatten, die nodig zijn voor de zuivering:

a) het adres van het kantoor van de belastingautoriteiten waaronder de geadresseerde ressorteert;

b) datum en plaats van ontvangst van de goederen;

c) omschrijving van de ontvangen goederen om na te gaan of de zending overeenstemt met de gegevens op het document. In geval van overeenstemming moet de vermelding "zending conform" worden aangebracht;

d) het referentie- of registratienummer dat eventueel wordt afgegeven door de bevoegde autoriteiten van de Lid-Staat van bestemming die zo'n nummering gebruiken en/of het visum van de bevoegde autoriteiten van de Lid-Staat van bestemming indien deze Lid-Staat voorschrijft dat het terug te zenden exemplaar door zijn eigen autoriteiten moet worden gecertificeerd of geviseerd;

e) de geautoriseerde handtekening van de geadresseerde.

3. De schorsingsregeling als omschreven in artikel 4, onder c), wordt gezuiverd door het plaatsen van de accijnsprodukten overeenkomstig artikel 5, lid 2, in een van de in artikel 5, lid 2, bedoelde situaties, met als gevolg schorsing van de accijns, zulks na ontvangst door de afzender van het terug te zenden exemplaar van het administratieve geleidedocument of van een afschrift van het commerciële document, waarop naar behoren aantekening is gemaakt van die plaatsing.

4. Wanneer accijnsprodukten die zijn geplaatst onder de schorsingsregeling als omschreven in artikel 4, onder c), worden uitgevoerd, wordt deze regeling gezuiverd door de certificering door het douanekantoor van uitgang uit de Gemeenschap, dat de produkten de Gemeenschap daadwerkelijk hebben verlaten. Dit douanekantoor moet aan de afzender het voor hem bestemde gecertificeerde terugzendingsexemplaar van het geleidedocument terugsturen.

5. Wanneer geen zuivering plaatsvindt, moet de afzender de belastingautoriteiten van zijn Lid-Staat daarvan in kennis stellen een door die autoriteiten vast te stellen termijn. Deze termijn mag echter niet langer zijn dan drie maanden na de datum van verzending van de goederen.

6. De Lid-Staten werken samen om steekproefcontroles, eventueel aan de hand van geautomatiseerde procedures, in te voeren.

Uitspraken die dit artikel aanhalen