Art. 15 Verordening (EEG) nr. 3201/90
1. De onderscheidingen bedoeld in artikel 2, lid 3, punt e), in artikel 11, lid 2, punt p), en in artikel 26, lid 2, punt n, van Verordening (EEG) nr. 2392/89 hebben betrekking op één enkele homogene partij wijn die afkomstig is uit dezelfde recipiënt.
Deze wijn moet beschikbaar zijn in een hoeveelheid van ten minste 1 000 liter die, met het oog op de verkoop aan de verbruikers, in voorraad wordt gehouden in recipiënten met een nominaal volume van 2 liter of minder.
-die zijn geëtiketteerd in overeenstemming met de communautaire bepalingen, met vermelding van de naam van de geografische eenheid waaruit zij afkomstig zijn en van het jaar waarin de verwerkte druiven zijn geoogst;
-die voorzien zijn van een sluiting die niet opnieuw kan worden gebruikt.
De Lid-Staten kunnen evenwel, voor bepaalde soorten wijn waarvan bijzonder weinig is geproduceerd, een beschikbare hoeveelheid van minder dan 1 000 liter, doch niet minder dan 100 liter, toestaan.
2. Op het grondgebied van de Gemeenschap mag een onderscheiding slechts worden toegekend aan een in artikel 2, lid 3, van Verordening (EEG) nr. 2392/89 bedoelde tafelwijn, een v.q.p.r.d. of een in artikel 26, lid 1, van genoemde verordening bedoelde ingevoerde wijn, die tegelijk met andere wijnen van dezelfde categorie die onder vergelijkbare omstandigheden zijn geproduceerd, is beoordeeld in het kader van een wedstrijd waarvan de regels zijn geaccepteerd door een bevoegde instantie die daartoe is aangewezen door de Lid-Staat op het grondgebied waarvan deze wedstrijd wordt gehouden.
Dergelijke wedstrijden mogen alleen worden georganiseerd en onderscheidingen mogen alleen aan de daarbij als de beste wijnen gekozen wijnen worden toegekend door
-de in de eerste alinea bevoegde instantie;
-een instantie van overheid, bedrijfsleven of particulieren waarvan de wedstrijdregels volledige onpartijdigheid waarborgen en die door de in de eerste alinea bedoelde bevoegde instantie is erkend.
3. Wedstrijden die gelden voor het grondgebied van meer dan één Lid-Staat kunnen in overleg tussen de betrokken Lid-Staten worden georganiseerd
-door de Commissie,
-door een door de betrokken Lid-Staat met het beheer van de wedstrijd belaste instantie van overheid, bedrijfsleven of particulieren,
-door het Office International de la Vigne et du Vin.
Deze wedstrijden worden georganiseerd volgens de regels die door de Commissie, de betrokken Lid-Staten of het Office International de la Vigne et du Vin zijn erkend, onderscheidenlijk vastgesteld.
4. De in de leden 2 en 3 bedoelde regels voor de organisatie van een wedstrijd moeten met name
-waarborgen dat alle belanghebbenden kunnen deelnemen,
-waarborgen dat een objectieve procedure wordt toegepast die elke discriminatie tussen wijnen van dezelfde categorie en dezelfde geografische oorsprong waarop de wedstrijd betrekking heeft, uitsluit,
-voorzien in de aanstelling van een jury van competente personen die de wijnen door blindproeven beoordelen en die deze op grond van de intrinsieke kwaliteit ervan aan de hand van een daartoe vastgesteld puntenstelsel klasseren,
-voorzien in de toekenning van een beperkt aantal onderscheidingen,
-inhouden dat alle onderdelen van de wedstrijd door een adequate instantie worden gecontroleerd.
5. Een door een officiële instantie of een officieel erkende instantie van een derde land toegekende onderscheiding mag slechts op de etikettering van een in artikel 2, lid 3, van Verordening (EEG) nr. 2392/89 bedoelde tafelwijn,
een v. q. p. r. d. of een in artikel 26, lid 1, van genoemde verordening bedoelde ingevoerde wijn worden vermeld als
-de toekenning van deze onderscheiding kan worden bewezen, hetzij aan de hand van een speciaal daartoe opgesteld document, hetzij aan de hand van een vermelding in het in artikel 70, lid 1, punt a), eerste streepje, van Verordening (EEG) nr. 822/87 bedoelde attest,
-de gelijkwaardigheid van de regels van de betrokken wedstrijd met de in lid 4 bepaalde criteria, door de Gemeenschap is erkend door bekendmaking van de naam en het adres van de organiserende instantie in de C-reeks van het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen.
6. De betrokken Lid-Staten delen de Commissie de naam en het adres mede van de officiële instanties en van de officieel erkende instanties die onderscheidingen mogen toekennen, alsmede de benaming van de door hen georganiseerde wedstrijd.
De Commissie draagt ervoor zorg dat
-de in de eerste alinea bedoelde inlichtingen,
-eventueel, de naam en het adres van de in lid 3 bedoelde instanties,
-de naam en het adres van de in lid 5 bedoelde instanties
in de C-reeks van het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen worden bekendgemaakt.