Art. 7 Verordening (EEG) nr. 822/87

Verordening (EEG) nr. 822/87

1. Herbeplanting met wijnstokken is slechts toegestaan wanneer een natuurlijke of rechtspersoon dan wel een groepering van personen beschikt over :

-een recht op herbeplanting in de zin van bijlage V, of

-een recht op herbeplanting dat op grond van een reeds bestaande nationale wetgeving is verkregen .

Bij wijze van overgangsmaatregel kunnen producenten uit Lid-Staten waarvan de nationale wetgeving op 27 mei 1976 niet in herbeplantingsrechten voorzag, die naar behoren kunnen aantonen dat zij sedert die datum wijnstokken hebben gerooid, hetgeen door de betrokken Lid-Staat is bevestigd, toestemming verkrijgen om vóór 27 mei 1984 op een oppervlakte die, uitgedrukt in uitsluitend met wijnstokken beplante cultuurgrond, ovreenkomt met de gerooide oppervlakte, onder de in deze verordening gestelde voorwaarden tot aanplanting van wijnstokken over te gaan .

2. Het in lid 1 bedoelde herbeplantingsrecht :

-mag worden uitgeoefend binnen hetzelfde bedrijf; de Lid-Staten kunnen evenwel bepalen dat dit recht uitsluitend mag worden uitgeoefend op de gerooide oppervlakte;

-mag slechts geheel of gedeeltelijk worden overgedragen wanneer een gedeelte van het betrokken bedrijf naar een ander bedrijf overgaat; in dat geval kan dit recht binnen laatstgenoemd bedrijf worden uitgeoefend tot een maximum van de overgedragen oppervlakten .

Het herbeplantingsrecht mag echter geheel of gedeeltelijk, onder voorwaarden die door de betrokken Lid-Staten worden bepaald, worden overgedragen naar voor de produktie van de v.q.p.r.d . bestemde oppervlakten in een ander bedrijf .

3. In alle gevallen waarin het herbeplantingsrecht niet wordt uitgeoefend op de gerooide oppervlakte mag de herbeplanting uitsluitend plaatsvinden op een oppervlakte die, wat de volgens de artikelen 4 en 5 ingedeelde oppervlakten betreft, in dezelfde categorie als de gerooide oppervlakte dan wel in een hogere categorie is ingedeeld .

4. Van druiven afkomstig van wijnstokken die in strijd met de communautaire of nationale bepalingen inzake herbeplanting in de zin van bijlage V zijn geplant, mag geen tafelwijn worden bereid . De van deze druiven bereide produkten mogen uitsluitend voor distillatie in het verkeer worden gebracht . Op basis van deze produkten mag echter geen alcohol worden bereid met een alcohol-volumegehalte van 80 % vol of minder .

5. Vóór 1 januari 1986 stelt de Raad, op voorstel van de Commissie, met gekwalificeerde meerderheid van stemmen de bepalingen vast inzake de beperkingen van de uitoefening van de herbeplantingsrechten, die noodzakelijk zijn om het wijnbouwpotentieel aan de behoeften van de markt aan te passen .

6. De uitvoeringsbepalingen van dit artikel worden vastgesteld volgens de procedure van artikel 83.

Vorige artikelen

Volgende artikelen