Art. 15 Verordening (EEG) nr. 4056/86, Contact met de autoriteiten van de Lid-Staten
1. Bij de in deze verordening bedoelde procedures onderhoudt de Commissie een nauw en voortdurend contact met
de bevoegde autoriteiten van de Lid-Staten; deze zijn gerechtigd opmerkingen te maken over deze procedures.
2. De Commissie doet de bevoegde autoriteiten van de Lid-Staten onverwijld een afschrift toekomen van de klachten en verzoeken en van de belangrijkste documenten welke haar in het kader van deze procedures zijn toegezonden of door haar worden verzonden.
3. Alvorens een beschikking naar aanleiding van een procedure als bedoeld in artikel 10 en alvorens een beschikking overeenkomstig artikel 12, lid 3, tweede alinea, en
lid 4, tweede alinea, te geven, wordt een Adviescomité voor mededingingsregelingen en economische machtsposities op het gebied van het vervoer over zee geraadpleegd. Het Adviescomité wordt eveneens geraadpleegd vóór de goedkeuring van de in artikel 26 bedoelde uitvoeringsbepalingen.
4. Het Adviescomité is samengesteld uit ambtenaren die bevoegd zijn op het gebied van het vervoer over zee en van mededingingsregelingen en economische machtsposities. Elke Lid-Staat wijst twee ambtenaren aan die hem vertegenwoordigen, en die bij verhindering door een andere ambtenaar kunnen worden vervangen.
5. De raadpleging vindt plaats op uitnodiging van de Commissie in een gemeenschappelijke bijeenkomst, op zijn vroegst twee weken na de verzending der convocaties. Hierbij wordt een uiteenzetting van de zaak gevoegd, alsmede een opgave van de voornaamste stukken van het dossier en een voorontwerp van een beschikking voor elk der te onderzoeken gevallen.
6. Het Adviescomité kan advies uitbrengen, ook indien leden noch aanwezig, noch vertegenwoordigd zijn. Een verslag van de uitkomsten van de raadpleging wordt bij de ontwerp-beschikking gevoegd. Dat verslag wordt niet openbaar gemaakt.